Column

geplaatst: 11-12-2017

De longen van de economie

Onlangs is het nieuwe regeerakkoord gepresenteerd, met daarin uiteraard ook de nodige ideeën over de arbeidsmarkt. Vast werk minder vast en flexwerk minder flex, is zo’n idee.

Ik vraag me af hoe lang we nog denken in vast en flex. Is het niet tijd om te gaan denken in termen van duurzame inzetbaarheid? We hebben de komende jaren iedereen hard nodig, gezien de daling van de beroepsbevolking. Door vergrijzing en, zeker hier in Limburg, ontgroening. Het vinden van werk, vast of flex, is daarbij helemaal niet zo’n issue. Inzetbaar blijven, een leven lang leren en de wederzijdse verantwoordelijkheid tussen werkgever en werknemer om te inspireren, dát zijn de uitdagingen.

De mogelijkheid om flexibele contracten aan te gaan heeft daarbij vooral een stimulerende werking. Als banenmotor enerzijds, die ondernemers de kans biedt om groei te omarmen en anderzijds als opstap naar duurzaam werk voor werknemers. Als zodanig zal de flexbranche altijd een belangrijke functie behouden. Goed beschouwd zijn flexwerkers de longen van de economie.

En natuurlijk heeft iedereen behoefte aan zekerheid. Zekerheid van inkomen, zekerheid van een leuke baan, zekerheid van ontwikkelmogelijkheden of de zekerheid van een net pensioen. Het goede nieuws is, al die zekerheden heeft de flexwerker ook.

Al met al ziet de nabije toekomst er, vanuit economisch perspectief, rooskleurig uit. Dat is ook het voornaamste motto in het regeerakkoord. Vertrouwen in de toekomst. Dat vertrouwen kan ik alleen maar delen. We hebben de wind in de zeilen. Laten we er allemaal iets moois van maken. Ondernemers en werknemers. Vast of flex. Iedereen aan de slag, een leven lang lerend en met geloof in eigen kracht.

Roger Holtus
Managing Director Wiertz Company

Column

geplaatst: 11-08-2017

De magische grens van 50

Er komt heel wat kijken bij het instellen en goed laten functioneren van een ondernemingsraad. De benodigde kennis is niet altijd aanwezig in een organisatie. Huur deze kennis in, want een goed functionerende or is niet alleen verplicht voor organisaties, maar vooral ook in het belang van deze organisaties. Een ondernemingsraad is geen luis in de pels, maar een vertegenwoordiging van het belangrijkste kapitaal van een organisatie: de werknemers. Daardoor is de or voor iedere ondernemer een belangrijke bron van informatie en van reflectie. Zorg er als ondernemer dan ook voor dat jouw organisatie de ondernemingsraad heeft die ze verdient.

Eind 2016 heb ik van de directie van Wiertz Company het verzoek gekregen om een plan van aanpak te maken voor het instellen van een or. Wiertz Company is met haar verschillende labels de afgelopen periode hard gegroeid en heeft enige tijd geleden de in de Wet op de Ondernemingsraden vermelde ‘magische’ grens van 50 werknemers overschreden. Organisaties met 50 of meer werknemers moeten een ondernemingsraad hebben.

Plan van aanpak
Na overleg met de Managing Director van Wiertz Company en met de leden van de bestaande Personeelsvertegenwoordiging (PVT) heb ik een plan van aanpak opgesteld. Hierin staan de verschillende acties vermeld, die ertoe moesten leiden dat op 12 juli 2017 verkiezingen voor de or konden plaatsvinden. Het belangrijkste onderdeel hiervan was het opstellen van een (voorlopig) reglement voor de ondernemingsraad. Hierin staat onder andere beschreven uit hoeveel leden de or gaat bestaan en hoe de verkiezingen worden georganiseerd. Ook staat in het reglement vermeld welke medewerkers stemrecht hebben en zich verkiesbaar mogen stellen.

Belangrijk onderdeel van het plan van aanpak is het informeren van de werknemers. Medewerkers van een organisatie die een or gaat instellen, moeten weten wat de taak van een ondernemingsraad is en wat voor werkzaamheden van een or-lid worden verwacht. De ondernemingsraad behartigt de belangen van het personeel in een organisatie. Ook over bedrijfseconomische beslissingen van de directie mag de or meepraten. De ondernemingsraad bevordert onder andere:

  • dat er voldoende werkoverleg is.
  • dat er goede arbeidsomstandigheden zijn.
  • dat de regels voor arbeidsvoorwaarden, arbeidstijden en rusttijden worden nageleefd.
  • dat medewerkers gelijk behandeld en beloond worden.
  • dat een organisatie gehandicapte werknemers en allochtonen in dienst neemt.
Ruime opkomst
In de afgelopen maanden zijn de or-verkiezingen binnen Wiertz Company écht gaan leven. Dit heeft geresulteerd in een opkomstpercentage van ruim 90%. De verkiezingen zijn achter de rug en binnenkort wordt de eerste ondernemingsraad binnen Wiertz Company formeel geïnstalleerd. De or kiest vervolgens een voorzitter, waarna het echte werk kan beginnen.

Mooi eindresultaat
Ik kijk terug op een prachtige opdracht die tot een mooi eindresultaat heeft geleid. Ik had een rol als projectcoördinator, jurist, vraagbaak, vertrouwenspersoon, sparringpartner en nog veel meer. Wiertz Company heeft door mij in te schakelen geen ‘last’ gehad van het instellen van de ondernemingsraad, maar gaat wel vanaf nu de vruchten plukken van een bij de organisatie passende or.
 

Thei Iding
ZUID juristen

Column

geplaatst: 31-07-2017

De Limburgse economie trekt flink aan!

‘Het CPB schroeft groeiverwachtingen Nederlandse economie op.’ Dat was het nieuws van half juni. Daarmee werd natuurlijk vooral bevestigd wat we dagelijks al merken. Want ook de Limburgse economie trekt flink aan. Het vertrouwen van zowel bedrijven als particulieren neemt toe en we hebben weer zin in de toekomst. De tijd van het somberen is voorbij. Heerlijk!

Uiteraard zien we dit ook op de arbeidsmarkt terug. Het aanbod aan vacatures blijft stijgen en werkzoekenden hebben meer te kiezen. Dat betekent dat wij als werkgevers onze medewerkers nog meer moeten koesteren en perspectieven moeten bieden.

Wiertz Company ziet het al twintig jaar als haar verantwoordelijkheid om in de markt van mens en werk de Limburgse economie te helpen versterken. Vaak wordt er nog gesproken over de problemen waar Limburg zich voor gesteld ziet. De brain drain, doordat studenten wegtrekken en na hun studie niet terugkeren, in combinatie met de vergrijzing is een van die uitdagingen.

Interessant is het dan om na te denken over wat we kunnen doen om de gevolgen van ontgroening te beperken, zowel op het gebied van innovatie als op het vlak van binden en boeien van werknemers. De Limburgse arbeidsmarkt biedt vele mogelijkheden voor alle soorten van werk. In de triple helix, waar overheid, bedrijfsleven en onderwijs elkaar vinden, wordt daar zeer constructief en met succes aan gewerkt.

Daarnaast is het belangrijk om aan de arbeidskrachten van de toekomst duidelijk te maken dat er in Limburg voldoende mooie carrièrekansen liggen. En dat het los van het werk ook nog eens de mooiste provincie van Nederland is om in te wonen en recreëren. Alle randvoorwaarden zijn er.

Daarom hebben we er sinds dit jaar voor gekozen om het Limburgse vakantiewerk middels de campagne Werkvakantie in Limburg ook landelijk onder de aandacht te brengen. Zo bieden we studerende jongeren uit heel Nederland de kans om werkervaring op te doen bij een van de vele mooie bedrijven die Limburg rijk is en laten we hen bovendien kennismaken met de overige geneugten van het leven in Limburg. Bedrijven krijgen zo de kans om zich optimaal te presenteren en dus kunnen we er gezamenlijk voor zorgen dat we steeds meer ambassadeurs creëren die er straks voor kiezen om hun daadwerkelijke carrière ook in Limburg op te bouwen. Zo zorgen we gezamenlijk voor de toekomst.

Roger Holtus
Managing Director Wiertz Company

Column

geplaatst: 07-09-2016

Combineer als kleine onderneming offline en online marketing

Wat bent u van plan met uw onderneming? Wilt u niet alleen een online aanbod presenteren, waar afnemers vanuit heel Nederland gebruik van kunnen maken? Is het juist een van uw doelstellingen om ook uw plaatselijke en regionale naamsbekendheid in Noord-Limburg te vergroten? In dat geval is het zaak om slim gebruik te maken van de mogelijkheden die uw regio biedt. Denkt u daarbij vooral aan een combinatie van offline en online marketinginstrumenten.

Wees lokaal aanwezig
De regionale Limburgse en Brabantse markt is een interessante en wat benadering betreft is het van voordeel dat u uit deze regio komt en de mensen en hun behoeftes ook zelf kent. Zoals veel Nederlandse ondernemingen zich verkijken op de cultuurverschillen met België, zo maken "Hollandse" bedrijven die inschattingsfout ook regelmatig met klanten uit uw regio. Dat gaat u uiteraard niet overkomen. Natuurlijk heeft u een website en adverteert u op social media die landelijke dekking hebben. Wellicht heeft u een nieuwsbrief per e-mail die voor iedereen beschikbaar is. Maar wat doet u extra om juist uw regio te bereiken?

Combineer offline en online
Als u denkt aan regionale online promotie, concentreer u dan ook op regionale social media en presenteer u daar als iemand die de regio en haar behoeftes ook echt begrijpt. Sowieso is het op social media slim om niet alleen maar advertenties te plaatsen. Dat kan iedereen. Maar u als lokale ondernemer kan zich beter opstellen als adviseur, als iemand die uw afnemers bij wijze van spreken in een plaatselijk restaurant of kroeg tegen kunnen komen en bij wie ze zich onmiddellijk thuis voelen. Heeft u een speciaal aanbod voor klanten uit uw regio? Denkt u dan aan diversificatie van uw nieuwsbrieven. Een landelijke nieuwsbrief en een regionale, het is zo te organiseren.

Wees aanwezig op evenementen en kom daar bijvoorbeeld met nieuwe producten die nog niet online te vinden zijn. U geeft uw regio dan de primeur. Zorg ervoor dat u voldoende visitekaartjes op zak heeft; het is de persoonlijke benadering die het beste werkt. Visitekaartjes en andere promotiematerialen kunt u snel een eenvoudig laten drukken bij online drukkerij Flyeralarm, die bekend staan om hun individueel maatwerk. En dat is wat u uw regio immers ook levert.

Als u op een evenement of tijdens een congres uw producten verkoopt, geef de klant dan een gedrukte brochure mee, of een bedankbrief met daarop een kortingscode die in uw online winkel ingewisseld kan worden. Denkt u ook aan andere ondernemers. Het is een feit dat een sterk regionaal netwerk van ondernemers elkaar kansen toespelen. Als u een commerciële vraag krijgt die niet op uw gebied ligt, maar wel op dat van een collega-ondernemer, speelt u hem door. U mag er dan op vertrouwen dat het de volgende keer uw beurt is.
In veel steden is er leegstand in winkelpanden. Uw regio zal geen uitzondering zijn. Zijn er mogelijkheden om tijdelijk een pop-up store te starten? Dan bereikt u buiten de evenementen een nog groter publiek als u hier alert op bent. 

Column

geplaatst: 04-04-2016

Weten wat we niet weten

“Ik word later Nijntje. Of ridder.” Mijn zoon van vier is vastbesloten. Mijn dochter van zeven weet inmiddels dat ze nooit een prinses zal worden. Wat ze wel graag wilde toen ze vier was. Haar toekomstbeelden worden wat ‘aardser’. Misschien juf. Of ballerina. Want je moet natuurlijk blijven dromen. Kinderen proberen zich van jongs af aan een voorstelling te maken van hun toekomst. Moeilijk, maar wel nodig. Voor kinderen, volwassenen, beleidsmakers en ondernemers. Een beeld hebben bij de toekomst schept een kader waarbinnen je de dromen probeert waar te maken. Volwassen economen proberen dat niet alleen voor zichzelf, maar voor de hele wereld. Een wereld waarin ook mijn kinderen volwassen worden. Voorspellen. Heel moeilijk, maar toch nuttig en nodig.

De fouten die economen maken met voorspellingen van economische ontwikkelingen zijn vaak hilarisch. Hoe hebben we de effecten van de val van Lehman-brothers op de economie toch níet kunnen zien aankomen als economen? Waarom zijn de effecten van de eurocrisis toch zó onderschat? Waarom heeft niemand voorspeld dat die olieprijs zo kon dalen? Wat een prutsers die economen! Volgens sommigen moeten economen zich daar maar helemaal niet mee bezig houden. Immers, als je zo vaak zo de fout in gaat, kan je er beter mee stoppen. Onder deze critici ook genoeg economen.  Maar achteraf verklaren en kritiek hebben is relatief makkelijk. Vooraf zeggen waar het naartoe gaat is een stuk lastiger. Toch is voorspellen een onderdeel van het werk van economen dat toegevoegde waarde heeft.

Speciaal voor de sceptici/cynici brengen we een aantal studies uit waarin we kijken naar de wereld van overmorgen. Niet omdat we de pretentie hebben te weten hoe die wereld er exact uitziet. Wél om de belangrijkste zekerheden en onzekerheden van de trends die samen de toekomst vormen op een rijtje te zetten. We onderscheiden daarbij vijf terreinen die de wereld van overmorgen beïnvloeden:
demografie, duurzaamheid, geopolitiek, innovatie en economie. En natuurlijk kunnen die nooit enkel in isolatie bekeken worden: demografische ontwikkelingen hebben effecten op bijvoorbeeld duurzaamheid en geopolitiek, maar ook op economie. En zo zijn er meer onderlinge verbanden.

Een analyse van deze trends maakt de mogelijke ontwikkelingen in de wereld wat inzichtelijker. Dat is iets anders dan overzichtelijker, want één van onze conclusies is dat de wereld niet voorspelbaarder aan het worden is. Neem nu bijvoorbeeld demografie, van oudsher toch een van de meest voorspelbare relevante grootheden voor de economische groei. Door de migratiestromen als gevolg van geopolitieke onrust wijkt het huidige beeld daarvan aanzienlijk af van vroegere verwachtingen. En geopolitiek is ook behoorlijk minder overzichtelijk: geen stabiele koude oorlog, ook geen dominantie van de VS meer.

En wat is dan onze conclusie voor bijvoorbeeld de economische groei in Nederland? Ons antwoord daarop is nu: we weten dat we dat niet weten. Het CPB publiceerde onlangs nieuwe scenario’s tot en met 2050: eentje met gemiddeld 1% groei per jaar, de andere met gemiddeld 2% groei per jaar. En dat zegt genoeg: meer dan in de periode van na 2008, wellicht iets minder dan in de decennia ervoor.

Eén voorspelling durf ik met zekerheid te doen. Als mijn zoontje zeven is, wil hij geen Nijntje meer worden. En als ik hem een advies mag geven: word dan maar data scientist of iets anders waarmee je in de toekomst je brood kan verdienen. En geen econoom, zoals zijn vader. Dat is zo 2016.

Hans Stegeman
Hoofd Speciale Projecten Rabobank

Hans Stegeman werkt sinds 2007 bij Kennis en Economisch Onderzoek (KEO) van Rabobank, eerst als senior econoom, later als hoofd van het team Nationaal Onderzoek en daarna als hoofd Internationaal Onderzoek. Sinds 1 januari is hij hoofd Speciale projecten.
De belangrijkste werkzaamheden liggen op het terrein van lange termijn trends en scenario’s, de maatschappelijke agenda van de Rabobank en duurzame economie. Zijn werkterrein is al jaren zeer breed. Naast korte termijn (inter-) nationale conjuncturele vraagstukken, overheidsfinanciën heeft hij zich de afgelopen jaren ook bezig gehouden met duurzame economie, stress tests en scenario-analyses. Zo is hij een van de auteurs van het boek IN2030: Vier vergezichten. Lezingen, publicaties, columns en perscontacten zijn de manieren waarmee hij zijn analyses deelt. Daarnaast is hij lid van het bestuur van de Koninklijke Vereniging voor Staatshuishoudkunde (KVS).
Hans studeerde Algemene Economie aan de Universiteit Maastricht en werkte hiervoor onder andere als onderzoeker bij het Centraal Planbureau.

Column

geplaatst: 25-01-2016

Samenstelling van een effectief team

De vent is de tent, zeggen we. Hoe bereik je dan de status quo van een merk? Hoe maak je bedrijfsmatig dusdanig indruk, dat iedereen met je in zee wenst te gaan? Welke mensen hebben we dan nodig? Wie nemen we dan aan om een effectief team samen te stellen?

Er zijn leiders die mensen aannemen die hetzelfde zijn als zijzelf. Dit zijn de zogenaamde 'mini-me's', of 'ja-knikkers'. Alles wat de leider zegt is goed. Hij/zij weet het beste de koers te bepalen en alle anderen volgen de leider.

Maar is dit een goede houding voor je zaak? Omring jezelf met mensen die wel hetzelfde waardensysteem hebben, maar neem geen 'mini-me's' aan. Weet wie je mensen zijn... kijk verder dan hun kennen en kunnen. Stel hen bijvoorbeeld de volgende vragen:

• Waar geloof je in?

• Waar sta je voor?

• Hoe wil je de wereld beter maken?

• Wat zijn jouw ambities?

• Wat wil je leren?

Soms kan het best confronterend zijn om erachter te komen dat jij, als leider van je bedrijf, niet de beste persoon bent om mensen aan te nemen. Dit komt voort uit het feit dat jouw bedrijf je 'baby' is. Je bent overbeschermend, waardoor je jezelf en je project graag omringt met mensen die net zo denken als jij. De liefde voor je bedrijf of project maakt je blind omdat je deze liefde niet los kan koppelen van je instincten. Dit resulteert niet altijd in het inhuren van de beste mensen voor het project. Dus; hoe pak je dit aan? Welke mensen zijn dan wel het beste?

Kijk naar mensen die complimenteren, niet completeren. Focus op je wens graag mensen te betrekken wiens kwaliteiten je gebruiken kan, welke nog niet in het team zit. Maak ook gebruik van het feit dat als mensen je begrijpen, ze zich beter inzetten. Kijk dus niet alleen naar wat kandidaten jou kunnen geven, maar ook naar wat jij te bieden hebt. Sluit het werk aan bij die persoon? En hoe sluiten de waarden van jouw bedrijf aan bij deze persoon?

Betrek het hele team erbij. Neem de tijd voor een team-interview, waarbij meerderen uit het team vragen kunnen stellen aan de sollicitant. Doe dit voordat de beslissing is gevallen om de sollicitant aan te nemen. Bespreek daarna met het team of deze persoon past. Stel één persoon in je team aan als ''go-to- buddy' gedurende de inwerkperiode. Deze neemt de nieuwe mee lunchen, wijst hem/haar de weg binnen het bedrijf en is de aangewezen persoon om alle vragen te beantwoorden die de nieuwe medewerker heeft. Dit zorgt ervoor dat de nieuwe medewerker zich snel op z'n gemak voelt en snel is ingewerkt. Ook komt dit ten goede aan het bestaande team. Er word immers maar één persoon 'gestoord' en niet het hele team.

Iemand inhuren of aannemen enkel en alleen omdat ze de gevraagde kwaliteiten bezitten, is vragen om problemen. Een cultureel passend persoon bepaalt 50% van het proces.

Wat gebeurt er als ik niet kijk of deze persoon past? Dan krijg je medewerkers die er enkel maar zijn voor het geld. Ze zijn als eerste vertrokken 's avonds, melden zich sneller ziek en als ze een betere positie aangeboden krijgen zijn ze weg. Ze hebben de meeste kritiek als het team een verandering door wens te zetten en besmetten anderen met deze kritiek. Ze hebben een negatieve energie en behoren niet thuis in een team van een bedrijf dat een plaats wenst te veroveren en een merk wenst te worden.

Wens je eens met me te sparren over het hoe en wat aangaande het inhuren of samenstellen van een goed team? Neem dan gerust contact met me op.

Column

geplaatst: 19-11-2015

‘Pensioen 1-2-3’ vervangt de startbrief

Indien u sinds 1 januari 2008 van baan bent gewisseld en u daarbij ook toetrad tot een nieuwe pensioenuitvoerder, dan heeft u hem vast ontvangen: de Startbrief.

Deze startbrief is destijds verplicht gesteld vanuit de overheid, aangezien men van mening was dat de werknemers niet op de hoogte waren van de ins en outs van de betreffende pensioenregeling. Ik moet zeggen dat ik in mijn dagelijkse pensioenpraktijk wel merk dat men anno nu over het algemeen beter op de hoogte is van de pensioenregeling dan destijds. Of dat ook aan de startbrief toe te rekenen is weet ik niet, maar Den Haag heeft gemeend dat dit beter kan. Ik geef de deskundigen aldaar wel gelijk, aangezien de startbrief in veel gevallen is uitgegroeid tot een ondoordringbare brij van - voor leken - moeilijke termen. De lengte ervan nodigt ook al niet uit om er even lekker in te duiken. Niet zo vreemd dus dat hier - gefaseerd, maar uiterlijk vanaf 1 juli 2017 - een wijziging op gaat komen: ‘Pensioen 1-2-3’.

‘Pensioen 1-2-3’ komt het best tot zijn recht in de digitale vorm en dient antwoord te geven op de belangrijkste zaken van de nieuwe pensioenregeling (Wat heeft de regeling wel? Wat heeft de regeling niet? Hoe bouw ik pensioen op? Hoe zeker is mijn pensioen? Etc.).

Het format van deze opzet kent 3 lagen:
Laag 1: De pensioenregeling in 5 minuten (alle belangrijke kenmerken worden genoemd);
Laag 2: De pensioenregeling in 30 minuten (gaat dieper in op de zaken uit laag 1);
Laag 3: De pensioenregeling in detail (inclusief reglement, statuten en jaarverslag).‘Pensioen 1-2-3’ wordt dus aangeboden door uw pensioenuitvoerder, terwijl mijnpensioenoverzicht.nl een overheidssite is, waarbij u met uw DigiD in kunt loggen en in één oogopslag ziet waar en hoeveel pensioen u heeft opgebouwd en welke dekkingen daarbij van kracht zijn. Kort gezegd laat ‘Pensioen 1-2-3’ u straks zien wat de regeling inhoudt en bij mijnpensioenoverzicht.nl kunt u zien welke bedragen daar bij horen.

Persoonlijk ga ik ervan uit dat de opzet van ‘Pensioen 1-2-3’ een verder positief effect heeft op de kennis van het pensioen voor de desbetreffende werknemer. Het gegeven alleen al dat het een digitale tool betreft, nodigt al meer uit tot verdieping dan de papieren versie. Samen met die andere mooie applicatie mijnpensioenoverzicht.nl is de pensioencommunicatie er echt enorm op vooruit gegaan de laatste jaren.

Is het daarmee gedaan? Nee, luidt volmondig mijn antwoord! Althans, vanuit mijn eigen ervaring merk ik dat er door een betere communicatie ook meer (en gerichtere) vragen ontstaan. Enigszins voor eigen parochie prekend, maar toch… De pensioenconsultant aan tafel met de werknemer en eventueel zijn/haar partner kan de meeste duidelijkheid brengen in het oerwoud van pensioenland.
 

Column

geplaatst: 19-11-2015

Betalen bij resultaat; of toch niet?

Het lijkt zo’n heldere afspraak; veelgebruikt ook in de zakelijke wereld: de success fee. Pas als de opdracht aan de opdrachtnemer vervuld is, dan is de opdrachtgever de vooraf afgesproken vergoeding verschuldigd. Dergelijke afspraken zijn niet beperkt tot enkele branches, maar komen overal in het zakelijk verkeer aan de orde. Hoe helder de afspraak ook lijkt, de afwikkeling daarvan leidt meer dan eens tot discussie tussen partijen. Wat als de opdrachtgever het uitvoeren van de opdracht frustreert? Wat gebeurt er als de uitvoering van de opdracht wordt gestaakt? En maakt het dan uit wie dat doet? Die discussie kan voorkomen worden, maar daar komen partijen dan te laat achter.
 
Als uit het leven gegrepen voorbeeld neem ik de adviseur op het gebied van bedrijfshuisvesting. Deze krijgt van een huurder de opdracht om een bestaande huurovereenkomst te heronderhandelen met de verhuurder. Het gaat om een groot pand, en de succes fee wordt gekoppeld aan de gerealiseerde besparing. Bij een besparing gedurende de looptijd van meer dan EUR 2.000.000 is de success fee verschuldigd.
 
De onderhandelingen verlopen aanvankelijk voorspoedig. De verhuurder is bereid mee te denken en bereid tot concessies op het gebied van de huurprijs. So far, so good. Ook het contact tussen opdrachtgever en opdrachtnemer verloopt prettig. Dan verandert er iets bij opdrachtgever: er wordt een nieuwe directeur aangesteld. Aan hem wordt het uiteindelijke onderhandelingsresultaat gepresenteerd. Een besparing van meer dan EUR 2.500.000! De opdrachtnemer is erg tevreden over het resultaat en vraagt wanneer ondertekening van de nieuwe huurovereenkomst en betaling van de success fee plaatsvindt.
 
Zover komt het niet; de nieuwe directeur vindt het onderhandelingsresultaat onvoldoende. Er moet nog meer uit te halen zijn, zo luidt de boodschap. Ook moeten er alternatieven (lees: andere panden) uitgewerkt worden. Onder protest (opdrachtnemer heeft al voldaan aan de verleende opdracht) gaat opdrachtnemer daar mee aan de slag. Dat levert echter niet het gewenste resultaat. De verhuurder doet geen verdere concessies, en de alternatieven blijken alle (veel) duurder uit te vallen.
 
Tegelijkertijd tekent zich voor de opdrachtnemer wel af dat de nieuwe directeur – die resultaten moet laten zien – eigenlijk gewoon af wil van de success fee. Hij laat bij herhaling weten deze belachelijk (hoog) te vinden, waarmee hij voorbij gaat aan de hoeveelheid werk die opdrachtnemer heeft verricht. De directeur trekt vervolgens zijn eigen plan, gaat zelf met de verhuurder onderhandelen en sluit – achter de rug van opdrachtnemer om – een nieuwe huurovereenkomst.
 
Als opdrachtnemer vervolgens vraagt om betaling van de success fee geeft de directeur niet thuis; het is toch maar mooi aan hém te danken dat de overeenkomst nog getekend is en niet de opdrachtnemer. De rechter neemt vervolgens de opdrachtnemer in bescherming; het niet voltooien van de opdracht komt in dit geval voor rekening en risico van de opdrachtgever. De success fee moet dus betaald worden.
 
De overeenkomst tussen partijen zei echter niets over een dergelijke uitkomst, terwijl dat in enkele artikelen toch geregeld had kunnen worden. Dat had de opdrachtnemer een gerechtelijke procedure bespaard.

Column

geplaatst: 18-11-2015

Vernieuwde Innovatiesubsidie WBSO 2016: wat betekent dit voor uw bedrijf?

Op Prinsjesdag is het Belastingplan voor 2016 gepresenteerd. In het Belastingplan staan onder andere de wijzigingen voor de WBSO in 2016. De belangrijkste wijziging is dat de fiscale innovatie instrumenten Wet Bevordering Speur- en Ontwikkelingswerk (WBSO) en de Research & Development Aftrek (RDA) worden samengevoegd tot één instrument met de naam WBSO. Het ministerie stelt hiervoor in 2016 € 1.143 miljoen beschikbaar.
 
In 2016 kunnen bedrijven voor R&D-kosten (zowel voor loonkosten als andere kosten en uitgaven) fiscaal voordeel aanvragen via de WBSO. Voor loonkosten (nu WBSO) en overige R&D-kosten en -uitgaven (nu RDA) gelden dan dezelfde voordeelpercentages. Het totale fiscale voordeel in de beschikking kunnen ondernemers volgend jaar via de loonheffing verrekenen in plaats van via de winstbelasting.
 
Bij het aanvragen van WBSO voor kosten en uitgaven voor het uitvoeren van een eigen S&O-project hebben bedrijven de keuze tussen een forfaitair bedrag of het daadwerkelijke bedrag aan kosten en uitgaven. De keuze die bij de eerste WBSO-aanvraag voor 2016 wordt gemaakt, geldt voor het gehele kalenderjaar. Voor zelfstandigen is deze keuze niet mogelijk. Voor zzp’ers die minimaal 500 R&D-uren (in de WBSO bekend als speur- en ontwikkelings- of S&O-uren) per jaar maken, is er namelijk een vaste aftrek.
 
Bedrijven en zelfstandigen kunnen in 2016 WBSO aanvragen voor 2 soorten innovatieve projecten: technisch-wetenschappelijk onderzoek en de ontwikkeling van technisch nieuwe fysieke producten, fysieke productieprocessen of programmatuur. Voor het uitvoeren van een analyse van de technische haalbaarheid of technisch onderzoek kunnen bedrijven in 2016 geen WBSO meer aanvragen.
 
Wilt u weten welke (financiële) gevolgen de wijzigingen voor uw bedrijf hebben? Of eens laten berekenen wat de WBSO u kan opleveren? Neem dan contact op met TRIAS!

Wat is de Wet Bevordering Speur- en Ontwikkelingswerk (WBSO)?
Bedrijven kunnen de financiële lasten van research en development (R&D)-projecten verlagen via de WBSO. De WBSO verlaagt de loonkosten en andere kosten en uitgaven voor uw R&D-project. Bijvoorbeeld voor prototypes of onderzoeksapparatuur. U kunt het voordeel van de WBSO verrekenen via uw belastingaangifte. Bedrijven dragen minder loonheffing af en zelfstandigen krijgen een vaste aftrek.

Ron Coenen is als Manager Bedrijven werkzaam voor TRIAS BV
ron@trias-subsidie.nl
077-3560100

Column

geplaatst: 18-11-2015

Uw factuur wordt niet betaald

Wat moet u doen en welke kosten mag u berekenen aan de partij die u geld verschuldigd is? De wetgever heeft de afgelopen jaren getracht duidelijkheid te scheppen over hetgeen in rekening mag worden gebracht aan buitengerechtelijke incassokosten. Deze column gaat over vorderingen op consumenten (B2C) de volgende column gaat over vorderingen op bedrijven (B2B).
Voor vorderingen op consumenten is sinds 1 juli 2012 de Wet Incasso Kosten (WIK) van toepassing. De WIK regelt de verschuldigdheid van buitengerechtelijke incassokosten door consumenten indien zij niet tijdig betalen. Voor u als leverancier of dienstverlener biedt de WIK de mogelijkheid tot verhaal van die kosten. Ook de kosten die u als schuldeiser zelf maakt in de periode vóór uitbesteding aan uw incassorelatie.

In de dagelijkse praktijk kom ik nog steeds gevallen tegen waarin de schuldeiser geen rekening heeft gehouden met de in de WIK verplicht voorgeschreven 14-dagen brief. In die brief dient de schuldeiser de debiteur nog 14 dagen de gelegenheid te geven om aan zijn betalingsverplichting te voldoen zonder bijkomende kosten. Om kosten te kunnen verhalen dient expliciet aangegeven te worden welk bedrag aan kosten in rekening wordt gebracht indien niet binnen 14 dagen alsnog wordt betaald. Het minimum bedrag aan kosten bedraagt € 40, het maximum bedrag bedraagt € 6.775.

In de minnelijke fase mogen nooit meer kosten worden doorbelast dan hetgeen volgens de WIK verschuldigd is. Via de website www.aanmaningsbrief.com verstuurt u op eenvoudige wijze een 14-dagen brief die aan alle wettelijke eisen voldoet.