CONTOUR: Wie krijgt het grootste stuk van de taart?

Magazines | Noord Limburg Business nr 4 2019


Lucas Janssen, partner CONTOUR

In onze regio vinden veel grensoverschrijdende handelstransacties plaats. Dit betekent dat u te maken krijgt met het buitenlandse rechtssysteem. Dat kan leiden tot situaties waarin de buitenlandse fiscus zich gaat bemoeien met de prijzen die u tussen uw Nederlandse en buitenlandse vestiging in rekening brengt. In vakjargon spreken we dan over transfer pricing. Recent ben ik betrokken geweest bij zo'n situatie, waarin de Duitse Belastingdienst van mening was dat de Duitse GmbH een te klein deel van de taart kreeg toebedeeld.


Wat was er aan de hand?

De Duitse GmbH produceerde bepaalde producten die door de Nederlandse vestiging werden verkocht. De Nederlandse vestiging ontving voor haar inspanningen een vergoeding van de Duitse GmbH. Logisch, alleen, op welke manier bepaal je de hoogte van die vergoeding? En wat maakt dat uit? Nou, u kunt zich voorstellen, hoe hoger de vergoeding voor de Nederlandse vestiging, des te groter het stuk van de 'winsttaart' dat bij de Nederlandse vestiging terechtkomt. De Duitse Belastingdienst vond in dit geval dat de GmbH een groter deel van die taart verdiende. Het gevolg? Een discussie over wie welk deel van de taart mocht hebben.

Het is in zo'n geval belangrijk dat er een onderbouwing ligt voor de gemaakte keuzes. Met zo'n onderbouwing is het in principe aan de Belastingdienst om aan te tonen dat het anders moet zijn. Dit is een veel betere uitgangspositie dan dat de Belastingdienst de bewijslast de kant van de belastingplichtige op kan schuiven. Dat is het geval als er geen goed onderbouwd dossier aanwezig is. Door hier aan de voorkant over na te denken, kan er ook nog eens belasting worden bespaard. Normaal gesproken is de belastingdruk voor BV's in Nederland namelijk lager dan de belastingdruk voor GmbH's in Duitsland.

Door meer activiteiten aan de Nederlandse BV toe te wijzen, en daar meer risico's te laten vallen, is het verdedigbaar een groter deel van de taart aan de BV toe te rekenen. Daarbij speelt ook de wijze van resultaatberekening een belangrijke rol. Er zijn verschillende manieren om dit resultaat te bereken. Zo zou je bijvoorbeeld kunnen kijken naar de totale kosten die door de BV of de GmbH worden gemaakt. Deze kosten worden dan met een bepaalde opslag doorberekend. Deze opslag vormt dan als het ware de winst.

Een andere methode is te kijken naar de omzet, om vervolgens vanuit deze omzet een bepaalde inkoopwaarde van de omzet te bepalen zodat er een brutomarge overblijft waar dan de rest van de kosten mee moeten worden betaald. Deze twee, samen met nog een aantal andere methoden zijn vastgelegd in het OESO-verdrag, dat door bijna alle landen ter wereld als leidraad wordt genomen.

U ziet dat er nogal wat komt kijken bij grensoverschrijdend ondernemen. Het is belangrijk vroegtijdig over kansen en risico's na te denken. Uiteraard kunnen de adviseurs van CONTOUR u met hun kennis en jarenlange ervaring hierbij uitstekend van dienst zijn. Meer weten? Bel: 077-3201900 of mail: lja@contouraccountants.nl

 

delen:
Algemene voorwaarden