Nieuws

geplaatst: 19-09-2017

Testrijders gezocht voor de bedrijfswagentestdag!

Bent u directeur/eigenaar of heeft u een managementfunctie? Maakt u binnen uw bedrijf gebruik van een of meerdere busjes, bestelwagens of andere bedrijfsauto's van dit kaliber? Of bent u op zoek naar een bedrijfswagen en gevestigd in Noord-Limburg? Meld u dan nu aan voor onze bedrijfswagentestdag op 27 oktober!

Wat houdt het in
U rijdt op vrijdag 27 oktober na een lunch bij Château de Raay in Baarlo met meerdere testrijders naar Hotel Maashof, Boscafé het Maasdal en Kasteeltuinen Arcen. Bij elke tussenstop krijgt u een heerlijke lokale versnapering en een drankje, waarna u weer van voertuig wisselt. Aan het einde van de dag heeft u minstens vier voertuigen uitgebreid kunnen "proeven". Bovendien schrijft u bij elke wissel uw bevindingen van de geteste auto op. Deze bevindingen zullen samen met uw naam worden verwerkt in de testverslagen die in editie 5 van Noord-Limburg Business zullen worden gepubliceerd. Naast het rondrijden in de nieuwste modellen krijgt u als testrijders ook uitgebreid de kans om in ontspannen sfeer te netwerken. 

Benieuwd? Bekijk de sfeerimpressie en de testverslagen van de vorige bedrijfswagentestdag.

Aanmelden als testrijder
Heeft u interesse om deel te nemen aan dit kosteloze netwerkevenement? Dan kunt u zich aanmelden via onze website. Let wel: vol is vol en de organisatie houdt zich het recht voor om te selecteren op basis van serieuze oriëntatie op een nieuwe bedrijfswagen. Heeft u een voorkeur voor een bepaald merk of model? Geeft u dit dan vooral aan op het aanmeldformulier!

Interesse om uw automerk te promoten?
Wilt u als dealer uw auto ter beschikking stellen en gedurende de testdag in ontspannen sfeer uw merk presenteren aan een groep geÏnteresserde ondernemers uit de regio? Dan is de bedrijfswagentestdag voor u zeker interessant. 

Updates
De komende tijd zullen er op de website regelmatig updates worden geplaatst met betrekking tot dit netwerkevenement. Houd dus de website in de gaten of volg ons op TwitterFacebook of LinkedIn!

Deze testdag wordt u aangeboden door Noord-Limburg Business. Heeft u nog vragen? Neem dan gerust contact op met Aysun Mahubessy-Saruhan via aysun@vanmunstermedia.nl / 024-6421917
 
 

Nieuws

geplaatst: 17-10-2017

Managers zijn beduidend tevredener met hun werk en de organisatie dan medewerkers

In een recent onderzoek onder 624 Nederlandse bestuurders, managers en medewerkers ontdekten Dr. André. de Waal MBA van het HPO Center, Dr. Robert Goedegebuure van StatMind Management Research & Development en Harold de Wit MSc van Driessen HRM dat directieleden en senior managers beduidend tevredener zijn met hun werk en de organisatie dan medewerkers. De managers schatten het niveau van de eigen organisatie ook hoger in.

“Het zou zo maar kunnen zijn dat deze mensen zich in een ‘ivoren toren’ bevinden waardoor ze onvoldoende weten van en aangesloten zijn op wat er op de werkvloer speelt.”, aldus André de Waal. Een indicatie hiervoor zijn de gemiddelde HPO-scores die de respondenten aan hun organisatie hebben gegeven. Deze score is een 6,7, met een score van 6,6 voor managementkwaliteit, wat aangeeft dat het hoog-presterende niveau van de Nederlandse organisatie en haar managers gemiddeld kan worden gekenschetst als voldoende en zeker niet exceptioneel.

Hoe gelukkig zijn Nederlandse werknemers?
Wanneer de score voor ‘organisatieattractiviteit’ voor de respondenten wordt uitgerekend, dan blijkt dat met een 7,7 Nederlandse werknemers hun organisatie best attractief vinden. De score voor ‘werkbetrokkenheid’ is een 7,8 en de score ‘organisatiebetrokkenheid’ een 6,5. Dit betekent volgens de onderzoekers dat Nederlandse werknemers over het algemeen gelukkig zijn met het werk dat ze doen, maar niet echt met de organisatie waarin ze dat werk doen.

Er blijkt geen verschil te zijn in werkgeluk tussen mannen en vrouwen, uit welke sector de organisatie afkomstig is (profit of non-profit of overheid) of hoe groot de organisatie is, hoe lang de respondent heeft gewerkt bij een organisatie of hoe oud zij/hij is. Het enige verschil is te vinden bij functieniveau: de directie en senior managers zijn beduidend tevredener met hun werk en de organisatie en schatten het niveau van de eigen organisatie ook hoger in.

De onderzoekers adviseren directieleden en managers om zo snel mogelijk in contact te komen met alle organisatieniveaus, vooral omdat eerder onderzoek heeft laten zien dat management een doorslaggevende rol heeft bij het al dan niet slagen van een transformatie naar een excellente en aantrekkelijke organisatie.

Over het onderzoek
De beste manier om de gelukkige (of ongelukkige) gevoelens van mensen op hun werk te meten is volgens Fisher (2010) om betrokkenheid bij het werk zelf, tevredenheid over de baan, en affectieve organisatiebetrokkenheid (“hoe betrokken iemand zich voelt bij de organisatie”) te evalueren. In ons onderzoek hebben we werkbetrokkenheid gemeten met de Utrecht Work Engagement schaal (Schaufeli et al., 2002), een veelvuldig gevalideerde meetschaal die bestaat uit drie groepen van kenmerken: toewijding (de mate waarin mensen worden geïnspireerd door hun werk en hoe trots ze daar vervolgens op zijn), kracht (de mate waarin mensen de energie en mentale veerkracht hebben om veel in hun werk te stoppen), en absorptie (de mate waarin mensen in beslag worden genomen door hun werk en zichzelf daar moeilijk van los kunnen rukken). Baantevredenheid werd gemeten met de Schriesheim and Tsui (1980) baantevredenheidschaal, en affectieve organisatiebetrokkenheid met de Allen and Meyer (1990) AOB-schaal. De mate waarin een organisatie hoog-presterend is, werd gemeten met het HPO-raamwerk (de Waal, 2013). Dit raamwerk, bestaande uit vijf factoren, kijkt naar de kwaliteit van de managers en medewerkers, de openheid in en actiegerichtheid van de organisatie, de langetermijngerichtheid van de organisatie, en of er sprake is van continue verbetering en vernieuwing. De attractiviteit van een organisatie wordt gezien als een combinatie van de mate waarin potentiele werknemers een organisatie aantrekkelijk vinden om daar eventueel te gaan werken (Aiman-Smith et al., 2001) en de mate waarin huidige medewerkers voordelen zin in het blijven werken voor de organisatie (Berthon et al., 2005). Een veelgebruikte manier om organisatieattractiviteit te meten is met de Highhouse et al. (2003) schaal, die wij hebben aangevuld met een aantal extra items (Drevs et al., 2015). Door deze bestaande, en al gevalideerde schalen, bij elkaar te voegen, verkregen wij een goed meetinstrument om de relatie HPO – werkgeluk – organisatieattractiviteit te meten.

Het werkgelukmodel
De items uit bovengenoemde schalen heeft HPO Center wij in een internet-enquête verwerkt, die vervolgens naar de relaties van het HPO Center en haar zusterbedrijf Direction en Driessen (2017) is gemaild. In totaal werden ongeveer 12.000 mensen benaderd waarvan er 624 reageerden, een response rate van ongeveer vijf procent wat in lijn ligt met de algehele response op dit soort grootschalige enquêtes. Met de ontvangen data heeft HPO Center, met behulp van een factoranalyse en zogenoemde structural equation modelling, het Werkgelukmodel ontwikkeld:



Over de onderzoekers:
Dr. André. de Waal MBA is academisch directeur van het HPO Center in Hilversum (www.hpocenter.nl), een organisatie die wereldwijd onderzoek doet naar HPOs. Hij is tevens directeur van StatMind Management Research & Development, een business school gevestigd in Oost-Afrika. Dr. Robert Goedegebuure is directeur van StatMind Management Research & Development (www.statmind.org). Harold de Wit MSc is directeur Administratie & Advies bij Driessen HRM (www.driessen.nl).

Nieuws

geplaatst: 16-10-2017

Symposium stilte-economie in Limburg

Rust, Natuur en Spiritualiteit als groeiende behoefte onder toeristen en recreanten

Toeristen bezoeken Limburg vooral voor de rust, natuur, stilte en steeds vaker ook vanwege spirituele belevenissen. Unieke eigenschappen van Limburg die ze in de rest van Nederland niet zo snel vinden. Bezinningstoerisme is een snel groeiende behoefte die kansen biedt voor de naar schatting 1300 bezinningsondernemers, kerken, kloosters en musea die onze provincie rijk is. Marketing Cirkel Limburg organiseert daarom op donderdag 26 oktober een symposium met als titel “Bezinningstoerisme in Limburg: Verkoopt Stilte”.

Limburg biedt ontspanning en kansen om je lichaam en geest te verjongen
In de Limburgse bezinningssector liggen unieke verhalen om verteld te worden en goed bewaarde geheimen om ontdekt te worden. Maar hoe sluit je daarmee aan op een manier die voorziet in de wensen van het grote publiek? Voor een heel klein deel van de 1.300 Limburgse bezinningsondernemers, kerken, musea en kloosters is het al big business. Voor het grootste deel is de stilte-economie nog onbekend terrein. Frans Jespers, Universitair hoofddocent Vergelijkende Godsdienstwetenschap aan de Radboud Universiteit in Nijmegen stelt tijdens het symposium Limburg in een spiritueel perspectief. Anya Nieweirra directeur van VVV Zuid-Limburg geeft een toelichting op haar programma Spirit Youth waarin ze toeristen laat ontsnappen aan de alledaagse spanningen en kansen biedt om hun geest en lichaam te verjongen via spirituele bestemmingen. Theo Bovens onderbouwt hoe belangrijk de Provincie Limburg bezinningstoerisme vindt. Limburg heeft stilte-economie op haar agenda gezet en stimuleert organisaties die zich op dit terrein willen ontwikkelen.

Tijdens het symposium komen de verhalen van succesvolle ondernemers in het bezinningstoerisme aan bod zoals het Forgiveness Museum in Tegelen, het Blotevoetenpad uit Brunssum en het Wereldpaviljoen Steyl. Verder wordt er ingegaan op praktische zaken als “Hoe breng je bezinningstoerisme in de praktijk?”. Leden van Marketing Cirkel Limburg bieden vervolgbijeenkomsten en praktische workshops. Want zonder marketing blijft het in deze sector 'te stil'.

Meer informatie
Het symposium “Bezinningstoerisme in Limburg: Verkoopt Stilte” is bedoeld voor organisaties, ondernemers en beleidsmakers die in dit onderwerp geïnteresseerd zijn. Zij kunnen zich aanmelden via www.marketingcirkellimburg.nl. De kosten voor deelname bedragen € 25,-. Meer informatie over dit symposium: Winfried Timmers telefoon 06-45606119.

Artikel

geplaatst: 16-10-2017

Wat is de impact van Brexit op de tech industrie?

‘Should I stay or should I go?’ Deze vraag werd door een meerderheid van de Britse bevolking beantwoord met 'Leave' tijdens het EU-referendum. Hoewel Nederland deze belangrijke partner binnen de Unie niet graag ziet vertrekken, is het tijd om Brexit als realiteit te beschouwen.

Het nieuwe regeerakkoord van afgelopen dinsdag laat dat alvast zien: met een verlaging van de vennootschapsbelasting en de afschaffing van de dividendbelasting sorteert de nieuwe coalitie alvast voor op bedrijven die Londen willen gaan verlaten.
Het is daarom ook van belang dat de digitale sector zich nu voorbereid op de uiteenlopende Brexit-scenario's. Vandaar dat Digital Gateway to Europe een rapport publiceert over de huidige status, de mogelijke scenario's en de te ondernemen acties door de tech sector. Wat zijn de uitdagingen en mogelijkheden van Brexit?

Rather inconvenient
In het rapport noemt Digital Gateway to Europe vier onderwerpen die van groot belang zijn voor de sector: toegang tot de Europese Interne (Digitale) markt, toegang tot datastromen, toegang tot talent en toegang tot EU-belastingvoordelen.
Hoewel er nog veel onduidelijkheid is over de mogelijke impact van Brexit, is het zeer waarschijnlijk dat het Verenigd Koninkrijk zowel uit de Europese Interne markt als uit de douane-unie gaat stappen. Dat heeft belangrijke consequenties voor het internationale (en digitale) verkeer van goederen, diensten, kapitaal en arbeid.
Vooral voor de financiële sector en de media-industrie wordt grote impact verwacht, omdat afspraken omtrent oorsprongsregels en 'passporting rights' na Brexit niet meer zullen gelden. Verder worden deze sectoren beïnvloed door een mogelijke restrictie op datastromen van het VK naar de EU en andersom, aangezien dit verdere (FinTech) innovatie belemmert.
Een ander urgent issue is het wereldwijde tekort aan goed IT-personeel. Als het Verenigd Koninkrijk besluit om immigratiewetgeving aan te scherpen en te bemoeilijken, zal het voor de Britten lastiger worden IT-specialisten aan te trekken. Aangezien 25 procent van de Britse digitale en tech bedrijven het rekruteren van talent een 'major challenge' noemt (TechNation, 2017), is dit een zeer belangrijk punt voor de sector.

Keep calm and come to Europe
"Het Verenigd Koninkrijk is een belangrijke en gelijkgestemde handelspartner. Het is voor Nederland dan ook geen goed nieuws dat een land dat zo dichtbij ons ligt, vertrekt uit de EU. Echter is dit vertrek een realiteit waar wij ons als digitale sector op moeten voorbereiden. Gezien de mogelijke impact van Brexit, is het van groot belang dat de industrie goed geïnformeerd is over toekomstige uitdagingen en mogelijkheden," zegt Stijn Grove, Managing Director van Digital Gateway to Europe. "Europa, en Nederland in het bijzonder, biedt goede alternatieven voor het Verenigd Koninkrijk, en Amsterdam is een fantastisch substituut voor Londen, vooral voor de FinTech en mediabedrijven. En vanuit een zakelijk perspectief sluit Nederland goed aan bij de Britse handelsgeest. Bedrijven als Shell, Unilever en Reed Elsevier laten dat tot op de dag van vandaag zien. Vandaar dat de Britten meer dan welkom zijn in Nederland."
Wat er gaat gebeuren op 29 maart 2019 - de dag dat voor het eerst in de geschiedenis een lidstaat de Europese Unie verlaat - is grotendeels onbekend. Met het Brexit rapport informeert Digital Gateway to Europe de tech sector over de mogelijke implicaties. Het Verenigd Koninkrijk zal de Europese Unie gaan verlaten, laten we er het beste van maken.

Bron: Brisk Magazine

Nieuws

geplaatst: 16-10-2017

Beheerders van schema’s voor certificatie, inspectie en keurmerken ontwikkelen nieuwe standaard

Om onafhankelijkheid te waarborgen en kwaliteit van werkwijze aantoonbaar te maken, hebben de beheerders van schema’s voor certificatie, inspectie en keurmerken (schemabeheerders) een nieuwe standaard ontwikkeld. Deze standaard is in de vorm van een NTA (Nederlandse Technische Afspraak) ontwikkeld door een NEN-commissie. Hierin zijn schemabeheerders, ministeries, certificerende instellingen en certificaathouders vertegenwoordigd.

Op 1 oktober is NTA 8813 ‘Eisen aan ontwikkeling en beheer van schema’s voor conformiteitsbeoordeling door onafhankelijke schemabeheerders’ gepubliceerd. Schema’s hebben als doel om certificatie en inspectie van bijvoorbeeld producten of managementsystemen te harmoniseren. Dit verhoogt de kwaliteit van de resulterende certificaten en keurmerken en het maatschappelijke vertrouwen daarin. Onafhankelijke schemabeheerders zijn organisaties die samen met belanghebbenden deze schema's ontwikkelen en onderhouden, maar niet zelf de conformiteitsbeoordelingen uitvoeren.

Beleidswijziging
Aanleiding voor de ontwikkeling van de NTA 8813 is een beleidswijziging van de Raad voor Accreditatie (RvA). Met ingang van 1 januari 2017 beoordeelt de RvA alleen de inhoud van schema’s en niet meer de organisatie van schemabeheerders en de uitvoering van het schemabeheer. Het is de RvA op basis van Europese wet- en regelgeving niet langer toegestaan om schemabeheerders als organisatie te beoordelen, omdat dit buiten de door de RvA toegepaste internationale normen voor accreditatie valt. De RvA blijft wel de schema’s inhoudelijk beoordelen en instellingen accrediteren voor de als goed beoordeelde schema’s.

NTA 8813 leidend
Om aan te kunnen tonen dat het schemabeheer ook zonder toezicht van de RvA op een hoogwaardige manier wordt uitgevoerd, heeft een aantal schemabeheerders het initiatief genomen om NTA 8813 te ontwikkelen. Hierin zijn eisen vastgelegd waaraan een schemabeheerder moet voldoen om te komen tot schema’s die aansluiten bij de behoeften en verwachtingen van belanghebbende partijen. NTA 8813 is nu gereed en wordt leidend voor de inrichting van de organisatie van schemabeheerders en de wijze waarop de ontwikkeling en het beheer van schema’s wordt uitgevoerd.

Kwaliteit aantoonbaar borgen
Ter vervanging van het toezicht door de RvA is een systematiek in ontwikkeling voor de beoordeling van schemabeheerders op basis van de NTA 8813. Doelstelling is om de kwaliteit van schemabeheer aantoonbaar te borgen voor belanghebbende partijen. Daarvoor zijn verschillende alternatieven denkbaar die in de tweede helft van 2017 worden uitgewerkt en ook voorgelegd aan belanghebbende partijen. De planning is dat in 2018 de wijze van toetsing op NTA 8813 wordt geïmplementeerd en de uitvoering van kwalitatief hoogwaardig schemabeheer daarmee ook aantoonbaar is.

NTA 8813 is zonder kosten te downloaden via de NEN webshop.

Nieuws

geplaatst: 16-10-2017

Nieuw Fair Data-keurmerk garandeert privacy

Marktonderzoek waakt over persoonlijke informatie

Marktonderzoekbureaus willen graag een goed beeld krijgen van consumenten, van hun voorkeuren en gedragingen. Dat doen ze voor bedrijven, producten en overheden. Juist die sector wil nu echt werk maken van verantwoord gebruik van persoonlijke gegevens. Sinds kort hanteert de marktonderzoekbranche daarom een nieuw keurmerk: Fair Data.

Informatie is essentieel om de consument beter te helpen, met nieuwe en betere producten, afgestemd op diens wensen en smaak. Maar ook om allerlei overheden beter inzicht te geven in wat mensen willen en verwachten. Net zo belangrijk is hoe die informatie wordt behandeld. Niemand wil dat persoonlijke gegevens zomaar openbaar zijn of dat informatie wordt misbruikt. Privacy is daarom een hot item, en terecht. De marktonderzoekbranche garandeert met het nieuwe Fair Data-keurmerk dat gegevens in vertrouwde handen zijn en nooit ‘herkenbaar’ naar buiten komen of worden afgestaan. Dat is een manier van werken die al veel langer in de branche geldt, maar die nu ook echt herkenbaar is.

Digitaal spoor
Marktonderzoek kent veel manieren van informatie verzamelen. De telefonische enquête is bekend, maar de branche zet ook communities op waarin mensen kunnen meepraten over producten. Soms krijgen ze een online vragenlijst over allerlei onderwerpen. Steeds meer mensen zijn lid van een vast panel waarin zij hun mening kunnen geven. Er is nog een ander gebied waar marktonderzoek informatie vandaan haalt, en dat is big data. Het zijn de stukjes informatie die iedereen overal achterlaat: waar men artikelen koopt, welke artikelen, op welke sites is gezocht, soms zelfs waar mensen in een winkelstraat zijn en in welke winkel. Maar ook hoe een restaurant wordt beoordeeld en hoe vaak men uit eten gaat. Mensen laten nou eenmaal overal een digitaal spoor achter, en al die gegevens zeggen iets over het gedragspatroon en voorkeuren. Een specialist – de data-analist – kan uit de veelheid van die gegevens een patroon halen en zo ontstaat inzicht in wat grote groepen mensen doen, waar hun voorkeuren liggen, en wat ze misschien van plan zijn te doen. Ook voor deze digitale informatie geldt het Fair Data-keurmerk.

Gegevens in vertrouwde handen
Het nieuwe keurmerk, geïntroduceerd door de branchevereniging van marktonderzoekbureaus, de MOA, laat zien dat persoonlijke informatie in vertrouwde handen is. Bureaus die het logo voeren voldoen aan strengen eisen.
MOA-directeur Wim van Slooten zegt hierover: ‘Mensen maken zich steeds meer zorgen over hoe bedrijven omgaan met hun persoonsgegevens. Voor ons is het zaak om te laten weten dat privacy bij onze bureaus hoog in het vaandel staat.’

Alleen organisaties die lid zijn van de MOA, en voldoen aan de strenge kwaliteitseisen voor het gebruik van persoonsgegevens, mogen het Fair Data-keurmerk dragen en zo aan de consumenten duidelijk maken dat zij hun gegevens heel zorgvuldig behandelen.
Van Slooten: ‘De bedrijven die het Fair Data-logo mogen voeren, zullen nooit zonder toestemming van de consument de verkregen informatie in herkenbare vorm voor andere doeleinden gebruiken dan waarvoor de consument die gegevens heeft verstrekt. De consument kan erop vertrouwen dat persoonsgegevens integer en met respect worden behandeld. Privacy is ons uitgangspunt. Alle persoonlijke informatie die wij verzamelen, opslaan en bewerken behandelen wij op een heel secure en veilige manier. Wij gebruiken persoonlijke informatie alleen voor doeleinden waarover we de consument informeren of waarvoor toestemming is gegeven. Wij zijn ook transparant over de door ons verzamelde persoonlijke informatie en hoe we die gebruiken.’

Veilig idee
Het Fair Data-keurmerk moet voor alle consumenten een veilig idee zijn, zegt de MOA, en het is meteen een oproep voor andere bedrijfstakken om ook zorgvuldig om te gaan met persoonlijke gegevens.
Het Fair Data-keurmerk sluit aan op een grotere beweging om zorgvuldig te zijn met informatie. Dat alles past in de Europese richtlijnen die volgende jaar gaan gelden. Dan treedt in mei een nieuwe wet in werking die een veel strenger privacybeleid nastreeft. Nederland loopt wat dat betreft met zijn onderzoekbranche en het Fair Data-keurmerk voorop.

Nieuws

geplaatst: 12-10-2017

Nederlandse BOON gaat de grens over

Het Nederlandse bedrijf BOON maakt er geen potje van. Dat is ook Jan Klerken, eigenaar en directeur van Scelta Mushrooms niet ontgaan. Vandaag kondigen zij een officiële samenwerking aan: in 2018 gaat BOON onder de vleugels van zijn bedrijf de grens over richting Engeland, Duitsland en Scandinavië.

Michael Luesink, oprichter van het Bossche BOON FoodConcepts BV, vertelt trots: “Het feit dat Scelta Mushrooms een aandeel neemt in BOON is voor ons een serieuze springplank naar de rest van Europa. Waar we ons met het verhaal van BOON eerst nog op Nederland richtten, gaan we nu met de expertise en het distributienetwerk van Scelta Mushrooms het verschil maken in al deze markten.”

LEKKER NATUURLIJK GROEIEN
De groeispurt van het Nederlandse bedrijf BOON is niet onopgemerkt gebleven. Consumenten zien de producten van BOON bij steeds meer supermarkten in steeds meer verschijningsvormen. Dat Michael er geen potje van maakt blijkt wel uit de plek in de top 10 van de MKB Innovatie Awards. Bovendien is de BOON Falafel Burger genomineerd tot Vegan product van het jaar.
“Een logische stap is dan ook om de grens over te gaan met het unieke verhaal van BOON. Michael is een echte pionier die van producent tot consument het beste van het beste wil leveren, met volledige focus. Dat past exact bij de visie van Scelta”, aldus Jan Klerken die sterk gelooft in het succes van BOON in Europa. Via zijn bedrijf Scelta Mushrooms vinden miljoenen kilo’s champignons jaarlijks hun weg naar gerechten over de hele wereld.

BOON gaat als eerste de grens over met BOON Ballen & Burgers en wereldse BOON Schotels. Een mooie nieuwe stap in BOON's missie: duurzaam eten moet gewoon de lekkerste keuze worden!
 

Nieuws

geplaatst: 12-10-2017

P10 biedt nieuw kabinet ruimte voor oplossingen

Het nieuwe regeerakkoord ziet veel ruimte voor oplossingen. De P10, het samenwerkingsverband van grote plattelandsgemeenten zonder stedelijke kern, kan voor een aantal thema’s deze ruimte bieden en is verheugd dat het nieuwe kabinet hieraan aandacht besteedt.

Maatwerk voor het platteland
De regio krijgt veel aandacht in het akkoord. Terecht, want plattelandsregio’s hebben specifieke maatschappelijke opgaven die om maatwerkoplossingen vragen. Wij hebben waardering voor de ruimte die het kabinet bijvoorbeeld wil bieden aan experimenten om het voorzieningenniveau op peil te houden. Hierbij wordt de nadruk echter nog te veel gelegd op de krimpregio’s. P10-gemeenten liggen lang niet allemaal in een krimpregio, maar staan wel voor dezelfde opgave om voorzieningen beschikbaar en bereikbaar te houden. Hierbij spelen de financiën uit het Gemeentefonds ook een grote rol. In de programmatische afspraken, die het kabinet met de mede-overheden wil maken over de financiële verhoudingen, pleiten wij daarom voor maatwerk voor de grote plattelandsgemeenten.

Het nieuwe kabinet wil werk maken van de mogelijkheden die de nieuwe Omgevingswet biedt. Het kabinet wil afspraken maken over regionaal maatwerk, bijvoorbeeld door het wegnemen van belemmeringen bij de woningbouwproductie of de aanpak van leegstand. Dit maatwerk is van belang voor krimpregio’s, maar minstens zo belangrijk voor andere plattelandsregio’s.

Ruimte voor oplossingen
Een van de kernpunten van het nieuwe kabinet is het aanpakken van de klimaatverandering. De P10-gemeenten bieden letterlijk ruimte voor oplossingen voor de verduurzamingsopgave van Nederland. Klimaatadaptatie, energietransitie en circulaire economie zijn speerpunten van de P10. Voorzitter Ellen van Selm: “Wij willen, in samenspel met de stad, de ruimte bieden voor innovatie én uitvoering om de energietransitie mogelijk te maken”. Digitale bereikbaarheid is hierbij onmisbaar. Wij blijven het belang van snel internet voor de ontwikkeling van het platteland bij het nieuwe kabinet benadrukken. De P10-gemeenten hebben ten slotte een belangrijke agrarische functie, die een grote bijdrage kan leveren aan het omschakelen naar een circulaire economie. De P10 zal namens het platteland daarom graag gesprekspartner zijn voor de oplossingen die vorm krijgen in de nieuwe Klimaatwet van dit kabinet.

Kortom, de P10 ziet veel mogelijkheden in het regeerakkoord om zijn eigen opgaven voor een leefbaar platteland te realiseren en tegelijkertijd een grote bijdrage te leveren aan de opgaven van Nederland. Wij roepen het nieuwe kabinet op het platteland via de P10 te betrekken bij de uitwerking van dit regeerakkoord.

Nieuws

geplaatst: 11-10-2017

E-commerce verandert, en Fontys vernieuwt snel

Fontys steekt steeds veel energie in de verbetering van haar e-commerce opleidingen en ontvangt wederom waardering van Thuiswinkel.org met 4 E-Academy certificaten. De opleidingen die gecertificeerd zijn; Small Business and Retail Management van Fontys Eindhoven, Minor E-preneurship van Fontys Venlo en Commerciële Economie- Digital Business Concepts van Fontys Tilburg (twee certificaten).

Fontys is er in geslaagd om weer vernieuwing in de curricula aan te brengen. Sophie van Rooij, programmamanager e-Academy: “We zien dat Fontys zich goed bewust is van de noodzaak tot vernieuwing en hier ook actief mee bezig is. De competentieprofielen die we samen met het beroepenveld op het gebied van e-commerce ontwikkelen, geven aan in welke richting deze ontwikkeling moet plaatsvinden om optimaal aangesloten te zijn op het werkveld. Deze profielen zijn opgesteld door specialisten uit de branche die werkzaam zijn bij bedrijven als Bol.com en Wehkamp. Daarnaast zijn ze gestoeld op inzichten uit arbeidsmarktonderzoek. Deze worden jaarlijks geactualiseerd, zodat ze in kunnen spelen op nieuwe ontwikkelingen in de e-commercebranche".

Excellent curriculum: Commerciële Economie Digital Business Concepts, Fontys Academy for Creative Industries en E-commerce
Fontys Academy for Creative Industries en E-commerce en het curriculum Commerciële Economie, Digital Business Concepts is zelfs excellent gecertificeerd. Kenmerkend voor de excellent bevonden opleiding is dat zij studenten gedurende meerdere jaren intensief laten kennismaken met het e-commerce-vak. Zo is er een manier gevonden om flexibiliteit in het curriculum in te bouwen, waardoor vernieuwing relatief snel kan worden doorgevoerd. Ook is er een sterke praktijkcomponent en interactie met het werkveld.

‘Loon na hard werken’
Hans Nederlof, College van Bestuur en verantwoordelijk voor domeinen Economie en Techniek: ‘Er is veel tijd en aandacht gestoken door alle opleidingen in het verbeteren van de curricula en dat is ook nodig voor zo’n dynamisch vak als e-commerce. Docenten en studenten moeten constant op de hoogte zijn van de nieuwste ontwikkelingen van toch een relatief nieuw thema. We zijn trots dat de brede samenwerking er toe heeft geleid dat een overkoepelend orgaan als Thuiswinkel.org hier ook waardering voor afgeeft.’

Nieuws

geplaatst: 11-10-2017

Vakbeurs Uiterlijke Verzorging Venray komt met uitgebreid programma voor alle beautybranches

Elke beautybranche heeft een eigen uitgebreid programma op Vakbeurs Uiterlijke Verzorging in Venray. Van trainingen en workshops voor schoonheidsspecialisten, pedicures en masseurs tot wedstrijden en demonstraties voor visagisten en nagelstylisten. Speciaal voor kappers is er op de zondag en de maandag een KappersPoint met demonstraties. Vakbeurs Uiterlijke Verzorging is op 14, 15 en 16 oktober te bezoeken in Evenementenhal Venray.

Vakbeurs Uiterlijke Verzorging onderscheidt zich in de beautybranche met haar uitgebreide aanbod aan gratis trainingen, demonstraties, lezingen en workshops. “De kracht van ons concept is de combinatie tussen een aantrekkelijke beursvloer met aansprekende leveranciers en een op maat gemaakt programma voor elke beautybranche. Ook beogen we voor deze editie een kwaliteitsstap te maken op het gebied van bezoekerskwaliteit door een leeftijdsgrens van 16 jaar te hanteren en we hebben ons uitnodigingsbeleid verder toegespitst op de professional”, zegt organisator Giny Hurink.

Het programma voor schoonheidsspecialisten bestaat onder meer uit open trainingen over online afspraken plannen, het positioneren van je salon, Active Kool suikerpasta en de Anti Cellulite Behandeling Universal Contour Wrap. Voor zowel schoonheidsspecialisten als masseurs worden op Het Massageplein demonstraties gegeven door Kathleen Kay Cosmetics en Magneet Massage. Onder meer de Ayurvedische voetmassage, Gelaat Magneet Massage en Bamboe lichaamsmassage komen aan bod. Daarnaast verzorgt Bellabaci op haar stand cupping demonstraties, een oude Chinese massagetechniek.

Gratis open trainingen
Voor visagisten zijn er doorlopend demo’s en op zondag wedstrijden met de thema’s: bruid, steam punk en barok style. Op Het Nagelplein zijn voor nagelstylisten doorlopend workshops te volgen van onder meer Konad Benelux, Urban Nails en Alessandro. Op de zondag zijn er ook nagelwedstrijden. Het programma voor pedicures bestaat uit de open training Footlogix en lezingen over uiteenlopende onderwerpen als cryotherapie, wellness voetverzorging en mellinn20. Voor kappers wordt er op de zondag en de maandag een KappersPoint ingericht waar demonstraties van Pivot Point te volgen zijn.

Beursdata en openingstijden
Vakbeurs Uiterlijke Verzorging is op 14, 15 en 16 oktober te bezoeken van 10.00 tot 17.00 uur in Evenementenhal Venray. Meer informatie: www.vakbeursuiterlijkeverzorging.nl.