Petto.

Magazines | Noord-Limburg Business nr 1 2007

| maart 2007 | door: anton loeffen | Petto | column |

| maart 2007 | door: ad poot | Steegh | column |

Misschien heeft u wel eens Arnold Schwarzenegger of Michael Schumacher willen zijn? Of de ‘looks’ van Claudia Schiffer willen hebben? Sinds de komst van Second Life, een virtuele (game)wereld, kan dat. In deze wereld kan iedereen, helemaal gratis, een tweede leven nemen. Of een derde of een vierde. En dat leven kunt u geheel volgens uw eigen idee inrichten.

Fantasiewereld

U kunt jonger, mooier, beter, maar misschien ook slimmer zijn dan in de dagelijkse realiteit. U ontmoet makkelijk allerlei mensen en doet nieuwe vrienden en kennissen op. Kortom, u kunt zijn wie u wilt. Cijfers tonen dat steeds meer mensen een vlucht nemen naar deze fantasiewereld. Statistieken tonen dat Second Life bijna vier miljoen actieve gebruikers telt. Vier miljoen!

Proeftuin

Maar vergis u niet: de virtuele wereld is al lang niet meer het exclusieve hobbyspeeltje voor ICT-nerds. Al spelend leren we. Bovendien is er geld te verdienen aan deze fantasiewereld. Geen virtueel geld, maar harde cash. Grote multinationals hebben dat al lang in de smiezen. Autofabrikant Toyota komt met de eerste virtuele auto, Nike en andere kledingmerken verkopen hun spullen in Second Life en dagblad NRC gaat een krant uitgeven. Want ook virtuele klanten zijn merkgevoelig en het is een ideale proeftuin voor nieuwe producten.

Het is bewezen dat de gamewereld tussen de twee en vijf jaar voor loopt op gebied van de commerciële toepassing van techniek. We lachen misschien nu nog om virtuele miljonairs. Maar meestel geldt toch: wie het laatst lacht, lacht het best. Misschien moet ik mijn personeel eens vaker laten inloggen?

Een van de grotere financiële risico’s wordt echter door veel mensen niet gemanaged: de oudedagsvoorziening. Niet alleen door een groep mensen die zich hier helemaal niet bewust van is, maar zeker ook door een groep die wel bekend is met het fenomeen pensioen en gewend is financiële risico’s te managen: de ondernemer.

Geen tijd, geen overzicht op de fiscale en verzekeringstechnische mogelijkheden; uitstel en afstel. Statisch gezien blijkt dat ondernemers dit onderwerp niet interessant vinden. Cijfers geven aan dat één op de drie mannelijke ondernemers zich de vraag stelt hoeveel geld er na pensionering is. Maar op de vraag of men verwacht of er na pensionering voldoende inkomen overblijft, reageert slechts 15% van de mannelijke ondernemers positief.

Er blijkt behoefte te zijn, maar er wordt weinig mee gedaan. En deze behoeften blijken op divers pensioengebied: arbeidsongeschikt, oudedagsvoorziening, maar zeker ook vermogensbeheeroplossingen. Als er niets gedaan wordt, blijft het risico van een zwaar tekort bestaan, of de gedachten dat de investering in eigen bedrijfspand of de zaak het ondernemerspensioen is, blijkt een illusie te zijn.

Niet alles echter zonder meer verzekeren. Een goede inventarisatie met een pensioenspecialist en de accountant zijn van belang. Maak gebruik van de lijfrentemogelijkheid en druk mogelijk de winst omdat je een aftrekpost hebt zodat je als DGA fiscaal meer voordelen hebt. Of juist als aanvulling op een vaak vergeten pensioengat als gevolg van de lease-auto. In de (nabije) toekomst wellicht ook in de vorm van een beleggingsrekening met lijfrenteaftrek.

Zorg voor begeleiding over de risico’s en mogelijkheden en een gezonde balans tussen fiscaliteiten, de verzekeringsoplossingen, de beleggingsrekening en de andere mogelijkheden.

Mr. A (Ad) Poot

Directeur Steegh en Aben

Assurantiën B.V.

Tweede leven

Leven. Katten hebben er negen. Sommige mensen leiden het dubbel, maar sinds de komst van Second Life kan iedereen een tweede leven erbij nemen. Inclusief huisje, boompje, beestje, opruimrobot, beschermend monster of wat u zelf allemaal nog meer bedenkt. Leuk denkt u, maar wat moet ik ermee?

Verzekeren van de oude dag

Iedereen evalueert zijn of haar risico’s bij dagelijkse beslissingen. Het is gemeengoed dat wij onze aansprakelijkheid, ziektekosten enzovoort verzekeren, omdat wij het risico van een financieel nadeel bij een calamiteit willen verkleinen.

| BUSINESS | noord limburg | |

| BUSINESS | noord limburg | |

2,5 miljoen ‘drugsgeld’

Gedeputeerde Staten hebben de subsidieaanvraag van de gemeente Venlo voor Q4 gehonoreerd met een bedrag van € 2,5 miljoen. Dit bedrag was reeds toegezegd door Provinciale Staten in de Voorjaarsnota van 2005. Met name de integrale aanpak in het onderdeel ‘Van broeinest naar broedplaats’ spreekt GS aan. Met dit motto wil de gemeente Venlo integraal en samen met andere partijen de drugscriminaliteit aanpakken met als doel de sociale structuren te herstellen en nieuwe culturele en creatieve ondernemers aan te trekken.

Gedeputeerde Herman Vrehen: “De multifunctionele en integrale aanpak van de gemeente Venlo spreekt ons erg aan. Zij pakken de problemen samen met de wijkbewoners én vanuit verschillende invalshoeken aan. Niet alleen wordt de drugscriminaliteit aangepakt, er zal ook op grote schaal worden gebouwd, gesloopt en gerenoveerd. Ook wordt gewerkt aan nieuwe bedrijvigheid door het aantrekken van nieuwe culturele en creatieve ondernemers en het verbeteren van het woon- en leefklimaat in de wijk. Een mooi voorbeeld van hoe een grote stad aan de slag gaat met het thema ‘Vitale kernen en buurten’. Een metamorfose van de vooroorlogse wijk Q4 tot het bruisende, culturele hart van Venlo, zoals de gemeente het zelf beschrijft.”

Provinciale Staten hebben in de Voorjaarsnota 2005 reeds toegezegd dat de gemeente Venlo in deze coalitieperiode een bedrag van € 2,5 miljoen beschikbaar zou worden gesteld voor het herstructureringsproject Q4.

Meer banen

December heeft het arbeidsjaar 2006 geheel in stijl afgesloten. In de laatste maand van het jaar steeg het aantal vacatures opnieuw naar recordhoogte. Dat blijkt uit de nieuwste cijfers van de Monster Employment Index - de maandelijkse barometer van de online arbeidsmarkt. De index steeg in december met 7 punten naar een nieuwe piek van 180. De groei van het aantal vacatures was het grootst voor administratieve functies.

De Monster Employment Index is de maandelijkse barometer van de online arbeidsmarkt en baseert zijn resultaten op circa 300 Nederlandse carrièresites en vacaturepagina’s van websites van bedrijven.

De stijging in december is kenmerkend voor 2006 waar in totaal elf maal een maandelijkse toename te zien was. Alleen in de vakantiemaand juli kende de index een kleine daling. Vergeleken met twaalf maanden geleden staat hij nu 64 punten hoger – een stijging van 55 procent. De snelst groeiende sectoren van 2006 waren transport & logistiek, administratieve dienstverlening, horeca en de financiële dienstverlening.

“Begin van dit jaar stonden we bij elke stijging nog te juichen, maar inmiddels heeft het succes voor sommige sectoren een keerzijde gekregen”, aldus Marc de Vries, Managing Director van Monsterboard.nl. “Onder andere in de ICT en transportsector heeft men grote moeite om aan goed personeel te komen. En dit zal voor veel andere sectoren in 2007 ook wel eens het geval kunnen worden. Wat dat betreft is de opleving van de arbeidsmarkt toch wel snel gekomen. Het is de vraag wat dit voor de loonontwikkeling in het komende jaar gaat betekenen.”

De Duitsers komen

De verhoging van de BTW in Duitsland sinds 1 januari kan winkeliers in het grensgebied ongeveer 10 procent omzetgroei bezorgen. Het Duitse kooptoerisme zal toenemen, terwijl het voor de Limburgse consument minder aantrekkelijk wordt om in Duitsland te tanken of inkopen te doen.

In Duitsland werd op 1 januari 2007 de BTW op luxe goederen verhoogd van 16 procent naar hetzelfde niveau als Nederland: 19 procent. Daardoor worden in Duitsland luxe producten als sterke drank, reizen, keukens, elektronica en sigaretten 3 procent duurder. Ook tanken net over de grens wordt minder aantrekkelijk; de benzineprijs in Duitsland is per 1 januari bijna vier cent per liter gestegen. Overigens is ook in Nederland benzine (één cent) en diesel (0,6 cent) duurder. Dit komt door een accijnsverhoging die onlangs van kracht is worden, zo meldt de brancheorganisatie Bovag.

De Nederlandse winkeliers in het grensgebied gaan in de eerste maanden van 2007 volop profiteren van de Duitse BTWverhoging voorspelt Jurgen Warmerdam, secretaris fiscale zaken van het MKB Nederland, de brancheorganisatie van het midden- en kleinbedrijf. “Ik verwacht dat de omzet van deze winkeliers zeker 10 procent zal stijgen. In 2001 ging de BTW in Nederland van 17,5 naar 19 procent. Toen steeg de omzet van de winkeliers aan de Duitse kant ook met ongeveer 10 procent. Op basis daarvan denk ik dat nu andersom het geval zal zijn.”

Volgens de MKB-secretaris is het een kwestie van psychologie: “Omdat het in hun land duurder wordt, willen de Duitsers eens kijken hoe het in Nederland is. Dit is dus hét moment voor de ondernemers in het grensgebied om de Duitsers binnen te halen. Ze zijn daar helemaal rijp voor. Als je nu als winkelier een klein prijsstuntje invoert, dan haal je de Duitse klant binnen.”

Warmerdam verwacht dat juist de Limburgse winkeliers daar erg goed in zullen zijn. “Limburg is op dat vlak een voorbeeld voor de vervagende grenzen in Europa. Het onderling verkeer is groot en in Limburg worden de Duitse klanten in het Duits benaderd.”

| business news | maart 2007 |

| | noord limburg | BUSINESS|

| maart 2007 | business news |

grensoverschrijdend winkelgedrag

In maart vindt er een groot Euregionaal onderzoek plaats naar het winkelgedrag van consumenten. Dit is een herhaling van het onderzoek dat eind 2004 plaatsvond. Toen echter beperkte het onderzoeksgebied zich tot Zuid-Limburg en de daaraan grenzende regio’s, terwijl nu ook consumenten uit de overige delen van Limburg en omliggende regio’s worden ondervraagd. Met de resultaten kunnen zowel ondernemers(verenigingen) als overheden de effecten van hun (marketing)inspanningen toetsen en het beleid eventueel aanpassen.Opdrachtgevers voor het onderzoek zijn de gemeenten Heerlen, Maastricht, Roermond, Sittard-Geleen, Venlo, Venray en Weert, de Provincie Limburg en de beide Kamers van Koophandel in Limburg. De uitvoering is in handen van BRO adviseurs en Multiscope. Het onderzoek vindt wederom plaats via internet.

De reden om het onderzoek te herhalen, is de mogelijkheid die hierdoor ontstaat om veranderingspatronen in het winkelgedrag te herkennen. Zeker gezien recente ontwikkelingen als de uitbreiding van de Woonboulevard Heerlen en de outletcentra in Maasmechelen en Roermond. Hebben al deze ontwikkelingen geleid tot veranderingen in het winkelgedrag? Of houdt de consument vast aan het vertrouwde? Blijft Maastricht Centrum veruit het best bezocht?

Naast de in 2004 gestelde vragen over het winkelen buiten de eigen regio krijgen de consumenten nu ook afwisselend extra vragen voorgelegd over het boodschappen doen in het buitenland dan wel het winkelen buiten de eigen regio op koopzondagen. Ook wordt nu een mening gevraagd over de bewegwijzering naar parkeervoorzieningen.

legionella preventie

Volgens de wettelijke normen dient iedere eigenaar of beheerder van een collectieve leidingwaterinstallatie er zorg voor te dragen dat er deugdelijk en veilig drinkwater is. De zogenaamde zorgplicht. Dit betekent dat het water dat getapt wordt, geen micro-organismen mag bevatten in hoeveelheden die nadelige effecten kunnen hebben op de volksgezondheid van de gebruikers. Waterleiding Maatschappij Limburg voert controles uit, in opdracht van het ministerie VROM.

Om tot een juiste risicoanalyse te komen is kennis vereist van de omstandigheden waarbij Legionella groeit dan wel afsterft. Van belang zijn bijvoorbeeld de volgende punten: watertemperatuur, sediment en biofilm, verblijftijd van stilstand van het water.

Bij veel eigenaren en beheerders blijft de vraag hoe nu met dit onderwerp om te gaan.

Er zijn vele aanbieders op de markt die op verzoek een risicoanalyse maken om te bepalen welke eventuele kritische punten er in de installatie aanwezig zijn.

Nadat er in de risicoanalyse aangetoond is waar kritische punten zitten, dient men deze te verwijderen of aan te passen. Ook kan het zijn dat de punten gehandhaafd blijven maar er wel beheersmaatregelen uitgevoerd moeten worden om deze punten onder controle te behouden.

Slechts weinige bedrijven verzorgen deze hele cyclus voor de eigenaar of beheerder. Facility Support te Venlo en Geleen echter wel.

Dit bedrijf kan de hele cyclus invullen. Het maken van de risicoanalyse, het eventueel aanpassen van de installatie en uitvoeren van het beheersplan. Gezocht wordt naar de meest efficiënte manier om er samen zorg voor te dragen dat de installatie legionellaveilig is en blijft.

Financiële situatie Limburgse gemeenten matig

De financiële situatie van de Limburgse gemeenten zal in 2007 weinig veranderen. Vorig jaar klommen de gemeenten voorzichtig uit een financieel dal, maar die vooruitgang is tot stilstand gekomen. Gedeputeerde Herman Vrehen concludeert: “Helaas kunnen we ook dit jaar niet in juichen uitbarsten. De financiële situatie was en blijft zwak. Als ik het in een cijfer moet uitdrukken dan kom ik uit op een mager zesje.”

De financiële situatie is af te leiden uit het aantal gemeenten dat in verband met een structureel tekort op hun begroting in 2007 onder preventief toezicht is geplaatst. Het zijn Mook en Middelaar, Simpelveld en Sittard-Geleen. In 2006 stonden deze ook al om dezelfde reden onder preventief toezicht. De vierde gemeente uit 2006, Hunsel, bestaat niet meer door de herindeling van twee maanden terug.

| BUSINESS | noord limburg | |

Meer verantwoordelijkheid en hogere boetes

Onder de slogan ‘Samen beter aan de slag’, is sinds begin dit jaar de nieuwe Arbowet ingegaan. In het kort betekent dit dat werkgevers en werknemers meer vrijheid hebben om gezamenlijk invulling te geven aan de arbeidsomstandigheden. Het toverwoord: maatwerk. Vrijheid binnen de sector of binnen de eigen onderneming. Doel is uiteindelijk om te komen tot meer veiligheid en gezondheid op de werkvloer. Noord Limburg Business bekeek de meest in het oog springende verschillen ten opzichte van de oude situatie.

| | noord limburg | BUSINESS|

| ARBO | Nieuwe regels | maart 2007 |

De keuze om tot een nieuwe Arbowet te komen, valt uiteen in drie argumenten. In de eerste plaats hadden we tot vorig jaar te maken met een woud aan regeltjes, waardoor het voor werkgevers lastig was om eraan te voldoen. Een vereenvoudiging komt ten goede aan de uitvoerbaarheid. In het verlengde daarvan zal de nieuwe Arbowet ook leiden tot een daling van de administratieve lastendruk voor ondernemers, een belofte die al jaren door de politiek wordt gedaan. Met deze wet verandert er daadwerkelijk iets. En tot slot: de nieuwe Arbowet moet vanaf nu beter aansluiten bij het verzuim- en re-integratiebeleid. Vandaar de slogan waar zowel ‘samen’ als ‘beter’ in tot uitdrukking komt.

Verantwoordelijkheid

Terug naar de belangrijkste reden voor de wijziging: de vereenvoudiging ter faveure van de samenwerking tussen werkgevers en werknemers. De overheid zal vanaf nu enkel nog doelvoorschriften opstellen. Dit zijn minimale eisen waaraan elke werkgever of sector moet voldoen. Denk aan valgevaar voor steigerwerkers of het geluidsniveau op bouwplaatsen. Deze richtlijnen worden zo concreet mogelijk weergegeven in de Arbowet, het Arbobesluit en de Arboregeling. Vervolgens gaan de werkgevers en de werknemers samen om tafel om te komen tot concrete invulling van die doelvoorschriften. Dit kan bijvoorbeeld door overleg met een ondernemingsraad of de personeelsvertegenwoordiging.

In dit kader is het belangrijk om te weten dat de boetes vanaf nu hoger zullen zijn bij geconstateerde overtredingen. Die kunnen verdubbelen

De afspraken die beide partijen overeen zijn gekomen, worden vervolgens vastgelegd in de arbocatalogus, een manifest waarin alle zaken rondom arbeidsomstandigheden beschreven zijn. Met deze afspraken voldoen werkgevers en werknemers aan de doelvoorschriften van de overheid. Afspraken over bijvoorbeeld een bepaalde werkwijze, gebruikte materialen en technieken, tijden en voorschriften. De arbocatalogus wordt ter goedkeuring aangeboden aan het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, die kijkt in hoeverre de afspraken invulling geven aan de doelvoorschriften. Mocht dit het geval zijn, dan worden alle oude beleidsregels voor die specifieke sector ingetrokken. De nieuwe arbocatalogus zal dienen als referentie voor toekomstige inspecties. In dit kader is het belangrijk om te weten dat de boetes vanaf nu hoger zullen zijn bij geconstateerde overtredingen. Die kunnen verdubbelen.

Controle

De arbeidsinspectie gaat er in de toekomst vanuit dat werkgevers en werknemers prima in staat zijn om samen een gedegen arbocatalogus in elkaar te timmeren. Vandaar ook dat men niet elke komma en elke letter zal toetsen. De inspectie zal vooral kijken naar de manier waarop het document tot stand gekomen is, of alle partijen hun inbreng hadden en of de afspraken afdoende zijn in relatie tot de eerder gestelde doelvoorschriften. In de praktijk zal de inspectie letten op de volgende zaken:

- Is beschreven voor welk werkgebied (branche/groep bedrijven) de catalogus bedoeld is?

- Vertegenwoordigen de opstellers

de werkgevers en werknemers in dit werkgebied?

- Is de catalogus beschikbaar en kenbaar voor (alle) werkgevers en werknemers?

- Wordt bij navolging van de catalogus

voldaan aan de doelvoorschriften?

Zolang er geen catalogus is opgesteld, blijven de huidige regels van toepassing. Deze vervallen op het moment dat er wel een komt. De overheid gaat ervan uit dat deze aanpak een stimulans is voor bedrijven om daadwerkelijk werk te maken van de arbocatalogus. Ook heeft ze aangekondigd dat bedrijven mét een catalogus kunnen rekenen op een soepele behandeling, terwijl sectoren waar risicovol werk wordt verricht en waar een catalogus ontbreekt, vaker bezoek krijgen.

Bedrijven mét een catalogus kunnen rekenen op een soepele behandeling

Eigen verantwoordelijkheid, in lijn met het kabinetsbeleid van de afgelopen jaren. Werkgevers worden nu voor keuzes gesteld en kunnen daar (gedeeltelijk) zelf invulling aan geven. Hij kan zelf een catalogus opstellen of meegaan met de algemene afspraken van de branche. Voorop staat dat aan de wettelijke verplichting voldaan wordt. Zoals al eerder is vermeld, zullen de boetes vanaf nu een stuk hoger uitvallen. Ook voor werknemers ligt er een verantwoordelijkheid. Zij kunnen betrokken worden bij het overleg en zeker werknemers die zitting hebben in de ondernemingsraad, hebben geregeld overleg met werkgevers over het te voeren arbobeleid. Voor beide partijen geldt dat gedegen beleid niet alleen ten goede komt aan de veiligheid maar ook aan de portemonnee.

| maart 2007 | Nieuwe regels | ARBO |

De keuze om tot een nieuwe Arbowet te komen, valt uiteen in drie argumenten. In de eerste plaats hadden we tot vorig jaar te maken met een woud aan regeltjes, waardoor het voor werkgevers lastig was om eraan te voldoen. Een vereenvoudiging komt ten goede aan de uitvoerbaarheid. In het verlengde daarvan zal de nieuwe Arbowet ook leiden tot een daling van de administratieve lastendruk voor ondernemers, een belofte die al jaren door de politiek wordt gedaan. Met deze wet verandert er daadwerkelijk iets. En tot slot: de nieuwe Arbowet moet vanaf nu beter aansluiten bij het verzuim- en re-integratiebeleid. Vandaar de slogan waar zowel ‘samen’ als ‘beter’ in tot uitdrukking komt.

Verantwoordelijkheid

Terug naar de belangrijkste reden voor de wijziging: de vereenvoudiging ter faveure van de samenwerking tussen werkgevers en werknemers. De overheid zal vanaf nu enkel nog doelvoorschriften opstellen. Dit zijn minimale eisen waaraan elke werkgever of sector moet voldoen. Denk aan valgevaar voor steigerwerkers of het geluidsniveau op bouwplaatsen. Deze richtlijnen worden zo concreet mogelijk weergegeven in de Arbowet, het Arbobesluit en de Arboregeling. Vervolgens gaan de werkgevers en de werknemers samen om tafel om te komen tot concrete invulling van die doelvoorschriften. Dit kan bijvoorbeeld door overleg met een ondernemingsraad of de personeelsvertegenwoordiging.

In dit kader is het belangrijk om te weten dat de boetes vanaf nu hoger zullen zijn bij geconstateerde overtredingen. Die kunnen verdubbelen

De afspraken die beide partijen overeen zijn gekomen, worden vervolgens vastgelegd in de arbocatalogus, een manifest waarin alle zaken rondom arbeidsomstandigheden beschreven zijn. Met deze afspraken voldoen werkgevers en werknemers aan de doelvoorschriften van de overheid. Afspraken over bijvoorbeeld een bepaalde werkwijze, gebruikte materialen en technieken, tijden en voorschriften. De arbocatalogus wordt ter goedkeuring aangeboden aan het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, die kijkt in hoeverre de afspraken invulling geven aan de doelvoorschriften. Mocht dit het geval zijn, dan worden alle oude beleidsregels voor die specifieke sector ingetrokken. De nieuwe arbocatalogus zal dienen als referentie voor toekomstige inspecties. In dit kader is het belangrijk om te weten dat de boetes vanaf nu hoger zullen zijn bij geconstateerde overtredingen. Die kunnen verdubbelen.

Controle

De arbeidsinspectie gaat er in de toekomst vanuit dat werkgevers en werknemers prima in staat zijn om samen een gedegen arbocatalogus in elkaar te timmeren. Vandaar ook dat men niet elke komma en elke letter zal toetsen. De inspectie zal vooral kijken naar de manier waarop het document tot stand gekomen is, of alle partijen hun inbreng hadden en of de afspraken afdoende zijn in relatie tot de eerder gestelde doelvoorschriften. In de praktijk zal de inspectie letten op de volgende zaken:

- Is beschreven voor welk werkgebied (branche/groep bedrijven) de catalogus bedoeld is?

- Vertegenwoordigen de opstellers

de werkgevers en werknemers in dit werkgebied?

- Is de catalogus beschikbaar en kenbaar voor (alle) werkgevers en werknemers?

- Wordt bij navolging van de catalogus

voldaan aan de doelvoorschriften?

Zolang er geen catalogus is opgesteld, blijven de huidige regels van toepassing. Deze vervallen op het moment dat er wel een komt. De overheid gaat ervan uit dat deze aanpak een stimulans is voor bedrijven om daadwerkelijk werk te maken van de arbocatalogus. Ook heeft ze aangekondigd dat bedrijven mét een catalogus kunnen rekenen op een soepele behandeling, terwijl sectoren waar risicovol werk wordt verricht en waar een catalogus ontbreekt, vaker bezoek krijgen.

Bedrijven mét een catalogus kunnen rekenen op een soepele behandeling

Eigen verantwoordelijkheid, in lijn met het kabinetsbeleid van de afgelopen jaren. Werkgevers worden nu voor keuzes gesteld en kunnen daar (gedeeltelijk) zelf invulling aan geven. Hij kan zelf een catalogus opstellen of meegaan met de algemene afspraken van de branche. Voorop staat dat aan de wettelijke verplichting voldaan wordt. Zoals al eerder is vermeld, zullen de boetes vanaf nu een stuk hoger uitvallen. Ook voor werknemers ligt er een verantwoordelijkheid. Zij kunnen betrokken worden bij het overleg en zeker werknemers die zitting hebben in de ondernemingsraad, hebben geregeld overleg met werkgevers over het te voeren arbobeleid. Voor beide partijen geldt dat gedegen beleid niet alleen ten goede komt aan de veiligheid maar ook aan de portemonnee.

| BUSINESS | noord limburg | |

Want een bedrijfsongeval betekent niet alleen een persoonlijk drama, het betekent ook een enorme kostenpost. Tel daar nog de eventuele imagoschade en de boetes bij op en het wordt duidelijk dat het belangrijk is om te investeren in een veilige werkomgeving. Uit onderzoek blijkt dat de werksfeer en de productiviteit verbetert, terwijl het ziekteverzuim daalt.

Een doorsnee bedrijfsongeval kost een slordige 5000 euro, terwijl de maatschappij als geheel voor nog eens 6000 euro opdraait. Dit zijn bedragen waar de eventuele immateriële schade zoals imagoverlies nog niet zijn meegeteld. Het gaat puur om zaken als productieverlies, zorgkosten, vervangingskosten en loondoorbetaling. De bedragen schieten omhoog indien het gaat om ongelukken met de dood tot gevolg of ongelukken waarna de werknemer in de WAO belandt.

Dodelijk ongeluk: 70.000 euro bedrijfskosten

Ongeval met WAO instroom:

110.000 euro bedrijfskosten

Ondernemen met lef

Afgelopen maand werden de Venrayse ondernemersprijzen uitgereikt. De Loek Nelissen Prijs namens de gezamenlijke ondernemersverenigingen en een speciale Rabobank Publieksprijs, waarover de aanwezigen die avond mochten stemmen. Winnaar in die laatste categorie werd het bedrijf Sikes Champignons uit Ysselsteyn, gerund door het echtpaar Karin en Gerard Sikes. Zij hielden samen de beste presentatie en mochten de prijs, een fraai beeldje, mee naar huis nemen. Het thema dit jaar was ‘lef en ondernemen’. Bij Sikes en OTTO Work Force weten ze daar alles van. Noord Limburg Business sprak met de gelukkige winnaars.

| | noord limburg | BUSINESS|

| Venray verkiezingen | Winnaars | maart 2007 |

Rabobank Publieksprijs

Sikes Champignons kweekt champignons voor consumptie en doet dat vanuit het Limburgse Ysselsteyn. Vandaag de dag gaat het weer uitstekend met het bedrijf maar dat is wel eens anders geweest. Gerard Sikes over de recente geschiedenis van zijn bedrijf en het waarom van de nominatie: “De organisatie informeerde vooraf bij de Limburgse Land- en Tuinbouw Bond (LLTB) naar geschikte kandidaten en die schoven ons naar voren. Sikes Champignons heeft een turbulente periode achter de rug en het had niet veel gescheeld of de stekker was eruit getrokken. Ons eigen verhaal was de inspiratie voor de presentatie die we gehouden hebben tijdens de Venrayse ondernemersverkiezingen.

Mijn vrouw en ik kochten de champignonkwekerij in 1998 en in de jaren daarna groeiden we fors. Er moesten cellen bij en in 2000 namen we ook het pand van de buurman over. Rond die periode zakte de handel voor champignons volledig in. Het aanbod was eenvoudigweg te groot en er was sprake van de champignonberg, vergelijkbaar met de boterberg van de jaren zeventig. En net als in de zuivelsector, werkt de champignonindustrie met vergunningen (quota’s). De vergunning op ons bedrijf liep in 2002 af en tot overmaat van ramp liet een grote fabriek ons weten niet langer champignons af te nemen omdat er een overschot was. In de hele sector liep het slecht. Je kunt op zo’n moment je kop in het zand steken of kijken naar mogelijkheden. Naar de bank om extra geld was geen optie maar ik wilde in geen geval het bijltje erbij neergooien.”

Het echtpaar Sikes koos voor een opzienbarende oplossing. Sikes:

“We hebben in die slechte periode links en rechts gevraagd hoelang de malaise zou duren. De verwachting was dat het maximaal twee jaar slecht zou gaan en dat de markt daarna aan zou trekken. Vervolgens zijn we op zoek gegaan naar een collega-bedrijf waar wél levering op zat. Met de eigenaar zijn we vervolgens om tafel gegaan met een overnamevoorstel. Onze directe omgeving verklaarde ons voor gek maar enkele maanden later was de koop een feit. Nu konden we wel naar de bank, maar met een duidelijk investeringsplan in de hand. Sindsdien zijn we eigenaar van twee bedrijven. En de voorspelling kwam uit; de markt werd beter en nu is er een schreeuwend tekort aan champignons.”

Deze ervaring gebruikte Sikes tijdens de vier minuten durende presentatie over ondernemen en lef. De 750 aanwezigen waren onder de indruk en stemden uiteindelijk in het voordeel van Gerard en Karin. Het was een presentatie die gebruikt kon worden in elk willekeurig bedrijf; van eenmanszaak tot multinational. Sikes: “Maak van een bedreiging een kans. Dat is wat mij betreft een van de belangrijkste lessen voor elke ondernemer. Zorg tevens voor een goede communicatie met zowel de afnemers als je personeel. Deze punten kwamen ook naar voren in onze presentatie en daar zijn we voor beloond.” Het beeld, een blauwe hoorn met drie ringen, heeft een mooi plekje in huize Sikes gekregen.

Loek Nelissen Prijs

De Loek Nelissen Prijs ging naar Otto Work Force uit Venray. De winnaar van deze prijs werd, in tegenstelling tot de Rabo Publieksprijs, bepaald door een vakjury bestaande uit vertegenwoordigers van de diverse ondernemerskringen uit Venray.

Otto Workforce werd in 2000 opgericht toen het tekort aan arbeidskrachten steeds nijpender werd. Vooral in sectoren waar fysieke arbeid centraal staat, konden werkgevers maar moeilijk aan geschikt personeel komen. Oprichter Otto Cornelissen kwam op het idee om een organisatie op te richten die Polen en Duitsers legaal naar Nederland haalt om hier aan de slag te gaan. De huidige CEO Frank van Gool over het succes en het winnen van de prijs: “Wij mogen onszelf marktleider noemen op het gebied van internationale arbeidsbemiddeling. Natuurlijk zijn we kleiner dan de Nederlandse collega’s van bijvoorbeeld Randstad of Adecco, maar qua buitenlandse werknemers spannen we de kroon.”

Hij vervolgt: “Het thema van de verkiezing dit jaar ging over ‘durf in ondernemen’. Ik denk dat Otto Work Force sinds haar oprichting lef heeft getoond. We begonnen in een periode waarin Poolse werknemers nog gezien werden als illegale aspergestekers waar altijd iets aan mankeert. Onze aanpak laat echter zien dat het ook anders kan. We hebben 30 kantoren in Oost-Europa, voornamelijk in Polen maar ook in Duitsland. Voordat mensen daadwerkelijk hier komen, nemen we een speciaal intake gesprek af, de zogenaamde Culture Fit Test. Potentiële werknemers krijgen vragen over taalvaardigheid, zelfstandigheid, accuratesse en zelfs heimwee. We willen niet dat een buitenlands verblijf eindigt in een teleurstelling en een slechte ervaring.”

Die gedegen voorbereiding is niet het enige unieke aspect van OTTO Work Force. De organisatie zorgt ook voor het transport, de huisvesting en alle verzekeringen voor haar personeel, dat gemiddeld vier tot vijf maanden in ons land werkt en woont. Van Gool: “We maken ons niet alleen hard voor het persoonlijk welbevinden van onze mensen, we zijn ook op politiek gebied actief met een lobby richting Den Haag. Zo vragen we aandacht voor arbeidsomstandigheden, de zorg en goede huisvesting. Ook het open stellen van de grenzen voor Europese werknemers is een speerpunt voor ons. Dat had eigenlijk al twee jaar geleden moeten gebeuren, maar bepaalde partijen houden dat tegen vanuit irrationele emoties. Zeker nu het tekort grote vormen begint aan te nemen, moet er wat gebeuren.”

Arbeidsomstandigheden, het kwam al even ter sprake. Gool wil graag reageren op de Netwerkuitzending die vorige maand werd uitgezonden over het zoveelste geval van malafide praktijken met Poolse werknemers en Nederlandse werkgevers die het niet zo nauw nemen met de regels. “Ik beschouw het als incidenten maar we moeten het wel zeer serieus nemen. Het is jammer dat het imago van uitzendbureaus op deze manier wordt geschaad. Helaas kan iedereen een uitzendbureau starten. Ik roep werkgevers daarom op om alleen maar zaken te doen met uitzendorganisaties die gecertificeerd zijn en die voldoen aan de NEN 4400 norm. Op die manier weet je dat het goed zit.”

Karin en Gerard Sikes

‘onze directe omgeving

verklaarde ons voor gek’

Peter Verlegh (links) en Frank van Gool (rechts)

| maart 2007 | Winnaars | VENRAY VERKIEZINGEN |

‘Ik roep werkgevers op om

alleen maar zaken te doen

met uitzendorganisaties

die gecertificeerd zijn’

| BUSINESS | noord limburg | |

CONTOUR: De kracht van samenwerken

Sinds begin dit jaar is Hafmans Accountants BV opgegaan in CONTOUR Accountants, allebei gevestigd te Venlo. Een fusie die zorgt voor een stuk schaalvergroting, een betere dienstverlening en het delen van kennis en kunde. Het kantoor mag zich nu rekenen tot een van de grootste onafhankelijke accountantskantoren in de regio. Toch blijft de dienstverlening hetzelfde: persoonlijk, betrokken en professioneel. Noord Limburg Business sprak met Ton Joosten en Leo Hafmans, twee van de vier partners bij het kantoor Venlo. Zij delen hun visie op het vlak van accountancy.

Leo hafmans en ton joosten

| | noord limburg | BUSINESS|

| fusie | Accountancy | maart 2007 |

Filosofie

De kersverse partner bij CONTOUR, Leo Hafmans, trapt af: “De komende jaren zul je zien dat schaalvergroting de trend wordt in ons vak. Met name de ontwikkelingen op het gebied van ICT, de wetgeving en de noodzaak tot voortdurende investeringen, dwingt je als kantoor om schaalvergroting na te streven. Ik ben in 1985 met Hafmans gestart en sinds die tijd zijn we flink gegroeid. Toch zochten we naar een betrouwbare partner die past bij de filosofie van ons kantoor. CONTOUR paste bij ons.”

Zijn nieuwe collega-partner Joosten vult aan: “Na de zomer zijn we uitgebreid om tafel gegaan voor de verkennende gesprekken. We hanteren allebei de ‘1-op-1 loket gedachte’ en allebei zijn we werkzaam in het midden- en kleinbedrijf. Het klikte en dat is belangrijk.”

De fusie is prima verlopen, al is men niet over één nacht ijs gegaan. Hafmans: “Het is toch een ingrijpende verandering, met name voor je personeel en voor je klanten. Men is nu eenmaal gehecht aan een bepaalde bedrijfscultuur en wil die graag behouden. Ik heb als eerste mijn werknemers ingelicht en hun vragen beantwoord. Daarna is er een nieuwsbrief uitgegaan naar al onze relaties en klanten. Gelukkig waren de reacties positief. Tot en met de kerst zijn we bezig geweest om iedereen op de hoogte te brengen.” Voor Joosten is een fusietraject geen onbekend fenomeen. In 1999 fuseerde CONTOUR ook al met een ander kantoor. Hij licht toe: “Uiteindelijk willen we toe naar een organisatie van rond de 120 man personeel. Mocht er zich in de toekomst een fusiemogelijkheid voordoen, dan staan we daar positief tegenover, mits het kantoor bij ons profiel past.”

Profiel

Tot zover de recente fusie. CONTOUR is vandaag de dag een organisatie met 80 medewerkers en 6 vennoten verdeeld over drie kantoren in Venlo, Venray en Boxmeer. Men is gespecialiseerd in het MKB waarbij de transportsector, de autohandelaren en zorgverleners in de gezondheidssector een belangrijk aandeel van het klantenbestand uitmaken. Persoonlijke aandacht en een continu streven naar kwaliteitsverbetering staan voorop in de bedrijfsvoering. Zowel Joosten en Hafmans zijn werkzaam geweest bij een van de vier grootste landelijke accountantskantoren (The Big Four) maar ze hebben op een gegeven moment bewust gekozen voor een kleinere, betrokken organisatie. Joosten: “Bij de grote organisaties gaat het vooral om de cijfertjes, om de jaarrekeningen. Je bouwt geen band op met je relaties en het stukje advies en coaching blijft dan achterwege. Bij ons is dat wél belangrijk.”

Economie

De twee kijken naar de recente economische ontwikkelingen en de stijgende lijn die langzaam zichtbaar wordt. De accountancy lijkt, in tegenstelling tot bijvoorbeeld de ict-sector, geen last te hebben van slechte tijden. In tegendeel. In mindere periodes moet de accountant zijn klant bijstaan om op tijd de bakens te kunnen verzetten. Er moeten maatregelen getroffen worden om de continuïteit te waarborgen en er moet kritisch gekeken worden naar de uitgaven. En in goede tijden kijk je vooruit, worden er nieuwe investeringen gedaan en er is ruimte voor groei. Bovendien, zo leert ervaring, zijn er veel mensen die een eigen bedrijf starten als het slechter gaat. Hafmans: “In al die situaties zijn wij een betrouwbare sparringpartner,

de rechterhand van de ondernemer die vaak geconfronteerd wordt met lastige afwegingen. Dan heb je behoefte aan een klankbord. CONTOUR vervult die functie.”

Ook de ontwikkelingen in de ict vormen een speerpunt voor CONTOUR. Steeds vaker maken accountantskantoren gebruik van online software, zodat bedrijven hun gegevens direct door kunnen sturen. Zowel de accountant als de ondernemer beschikt zo dag en nacht over de meest actuele bedrijfsgegevens. Ook is het tegenwoordig mogelijk om een aangifte digitaal naar de belastingdienst te sturen via XBRL. CONTOUR is druk bezig om een eigen softwarepakket te implementeren: CONTOURweb. Met CONTOUR online is het mogelijk om via internet mee te kijken over de schouders van de ondernemer. “Een digitaal kantoor”, zo licht Joosten toe: “Intern is de implementatie bijna rond en de volgende stap is de mogelijkheid om te kunnen inloggen. Niet alleen de jaarrekening, ook bijvoorbeeld de loonadministratie kan je dan gemakkelijk doorsturen. Het is vooral zaak om je beveiliging op orde te hebben. Daar zijn we nu druk mee bezig.” Ook dergelijke investeringen zien de twee als een argument om de krachten te bundelen.

Toekomst

Wat zijn de ambities voor de aankomende periode? Waar zal CONTOUR zwaar op inzetten? Noord Limburg Business legt het voor aan Hafmans en Joosten. Eerst Hafmans. “Kwaliteit van dienstverlening vraagt altijd om verbetering. Het zal dan ook centraal staan in 2007. Luisteren naar ondernemers en hen bijstaan op een persoonlijke en betrokken manier. Niets is vervelender dan om als een nummer behandeld te worden. We streven ernaar dat elke klant zijn eigen aanspreekpunt heeft.” Ook concreet staat er het een en ander te gebeuren. Joosten noemt de WTA vergunning, waarvoor het kantoor binnenkort inspectie op bezoek krijgt. “Wij zijn het enige accountantskantoor dat vanuit Venlo deze vergunning heeft gekregen. Het is een belangrijke stap naar professionalisering. Verder krijgt de afdeling loonadministratie extra aandacht door middel van een speciale website: loonpunt.nl. Die is op dit moment in ontwikkeling.”

Genoeg plannen dus voor de nabije toekomst. Een toekomst bij een kantoor waar ménsen centraal staan. Voor de werknemers intern en voor de relaties extern. De naam CONTOUR en het bijbehorende beeldmerk zijn dan ook niet toevallig gekozen. De naam is Latijns voor ‘samen op weg’ en het beeldmerk symboliseert de kracht van samenwerken. Samenwerken zodat je als organisatie hogerop komt. CONTOUR Accountants, een jong en enthousiast kantoor dat net als ondernemers vooruit denkt, is dagelijks in touw om die doelstelling voor bedrijven te bewerkstellingen.

‘Persoonlijke aandacht en

een continu streven naar

kwaliteitsverbetering

staan voorop in de

bedrijfsvoering’

| maart 2007 | Accountancy | fusie |

de nieuwe partner leo hafmans

‘Wij zijn het enige

accountantskantoor

dat vanuit Venlo deze

vergunning heeft gekregen’

Het team van kantoor Venlo: (vLNR) Robert Hendriks,

Leo Hafmans, Ton Joosten en Leon Geerlings

Vanaf dit jaar zal Noord Limburg Business een oude rubriek nieuw leven inblazen: de lifestylepagina. Artikelen over evenementen, producten en onderwerpen die nu niet direct van zakelijk belang zijn, maar die het leven van een ondernemer wel aangenamer maken. Denk aan de nieuwste snufjes op computergebied, de laatste ontwikkelingen in de telecom of bijvoorbeeld een reportage over wijnproeverijen. In deze eerste uitgave in 2007 heeft de redactie gekozen voor de golfsport met al zijn facetten. Een activiteit die beweging, netwerken en ontspanning op een aangename manier combineert. Speciaal voor beginners volgt hier een cursus golf voor dummies. Zo weet u in elk geval waar collega’s het over hebben als ze praten over ‘swing’ of ‘green’.

eEN EXPLOSION SHOT

Van Approach

tot Stroke

| LIFESTYLE | Golf | maart 2007 |

Approach

Een relatief lang schot in de richting van de green. Meestal van ongeveer 80 meter afstand. Na een goed gericht approach-schot, ben je in staat om te putten.

Bunkers

Bedoeld als extra moeilijkheidsfactor tijdens een potje golf. Bunkers zijn eigenlijk kleine kraters gevuld met zand. Als de bal hier terecht komt, is het moeilijker om te mikken.

Club

Door leken ook wel aangeduid als de golfstok, het belangrijkste gereedschap van de golfer. Een club valt uiteen in drie delen: de grip die je met de handen vasthoudt, de stok zelf heet een shaft en het gedeelte dat daadwerkelijk de bal raakt wordt het clubblad genoemd.

Alle drie de onderdelen kunnen van verschillend materiaal zijn, afhankelijk van de prijs.

Double Bogey

Deze term wordt gebruikt als de speler meer dan het gemiddeld aantal slagen nodig heeft om de bal in het gat te krijgen. In dit geval dus twee extra. Toppers spelen natuurlijk een birdie of een eagle, wat betekent dat men één of twee slagen ónder het gemiddelde zit.

Explosion Shot

Geen goed teken. Zodra de bal in een bunker verdwijnt en je hem eruit moet zien te slaan, gaat dat nogal eens samen met een hoop zandverplaatsing. Dit heet een explosion shot.

Flier

Een woord dat enkel door de kenners gebezigd wordt: Een flier is een bal die veel verder vliegt dan normaal de bedoeling is. Dit wordt veroorzaakt doordat er gras tussen de club en de bal zat tijdens de afslag. Naast gras of zand kan ook water de oorzaak zijn van een flier.

Green

Waarschijnlijk de meest bekende term uit de golfsport. De green is het gedeelte rondom de hole en de vlag. De green wordt altijd kort gemaaid, zodat het gemakkelijker is om de bal in de hole te spelen.

Hook

Een bal die met veel effect van links naar rechts draait. Onduidelijk of dit een goed of een slecht teken is.

Impact

Een term die voor zich spreekt. Hiermee wordt het moment bedoeld, waarbij de club zijn energie overdraagt aan de bal. Ter informatie: dit duurt ongeveer 0, 045 seconden.

Jan Dorrestijn

Topgolfer die in zijn carrière reeds meerdere topprestaties neerzette. Zo won hij het Kenya Open, werd 14e op het British Open en in ons eigen land werd hij meerdere malen eerste bij het Nederlands Kampioenschap. Hij speelt nog steeds en geeft les in de regio Arnhem.

Kinetische Energie

Natuurkundige term die overal wordt gebruikt en zeker geen exclusief golf jargon betreft. Mocht u hem wel horen vallen, dan heeft uw gesprekspartner het over de E=1/2 *M*V oftewel E=totale energie, M=de massa van het lichaam, V=de snelheid.

Lob Shot

Niet alleen voetballers, ook professionele golfers weten hoe je een lob shot uit moet voeren: een kort en hoog schot waarna de bal in één keer stil ligt. Vereist enige oefening.

Matchplay

Golf speel je in twee varianten: strokeplay en matchplay. Bij strokeplay wint de speler die met het minste aantal slagen (strokes) de hele baan aflegt. Bij matchplay strijden twee spelers (of twee duo’s) per hole. Per hole is er dus één winnaar.

Nederlanders

Een stukje geschiedenis. Volgens vermeldingen werd de eerste echte golfpartij gespeeld op 26 december in het jaar 1297 in Loenen aan de Vecht. Door middel van deze wedstrijd werd de moord op Floris de 5e graaf van Holland en Zeeland herdacht. De partij bestond uit twee teams van elk vier personen. De oorsprong van deze sport ligt dus in ons land.

Out of Bounds

Het terrein dat buiten de golfbaan ligt. Out of bounds betekent dus eigenlijk gewoon buiten spel. De onfortuinlijke speler die een bal out of bounds slaat, mag het nogmaals proberen maar dat kost hem wel twee strafslagen.

Par

Afkorting voor Professional Average Result. Het aantal slagen dat een goede golfer nodig heeft om een hole af te werken. Voor de meeste banen geldt een par van gemiddeld vier slagen per hole.

Een negatieve score van bijvoorbeeld -1 is een goed teken; het betekent dat de speler minder slagen nodig had dan gemiddeld.

Reading

Voordat de laatste slag van de green naar de hole wordt gemaakt, gaat de echte golfer op verkenningsmissie. Hoe ligt het gras erbij? Staat de wind gunstig? Hoe is de helling van de baan? Ook de vochtigheid wordt beoordeeld. Nadat alle factoren bekend zijn, slaat hij de bal.

Stroke Index

Elke hole heeft zo zijn eigen moeilijkheidsgraad. Een lage stroke index geeft een moeilijke hole aan en een gemakkelijke baan krijgt een hoge stroke index (want meer slagen).

Tee

Een term die in de golfsport twee betekenissen heeft. Tee is zowel de plaats waar afgeslagen wordt en tee is ook het kleine houten of plastic pinnetje waar de bal op geplaatst wordt.

| maart 2007 | Golf | LIfESTYLE |

Noord Limburg telt

meerdere golfclubs:

Golf- en Countryclub Geijsteren

www.golfclubgeijsteren.nl

Crossmoor Sport BV - Weert

www.crossmoor.nl

De golfbaan van weert

De baan van Geijsteren

| BUSINESS | noord limburg | |

‘Aan het werk met de versnellingsagenda’

Terwijl de winnaars van de Tweede Kamerverkiezingen klaar zijn, maakt Nederland zich op voor wéér een gang naar de stembus, ditmaal voor de Provinciale Staten. De uitslag heeft direct gevolg voor de samenstelling van de senaat, dus de belangen zijn groot. Noord Limburg Business bekeek de plannen voor de komende jaren, waarmee de diverse partijen de komende weken de boer op gaan. Welke koers moet Limburg gaan varen de komende jaren? Wij doken in de verkiezingsprogramma’s van de PvdA en de VVD.

| STATENVERKIEZING | Lijsttrekkers | maart 2007 |

PVDA

De programmacommissie van de PvdA heeft een lijvig verkiezingsmanifest geschreven waarin zo ongeveer alle maatschappelijke onderwerpen aan de orde komen. Van jongeren tot ouderen, van milieu tot economie en van leefbaarheid tot infrastructuur. Heel revolutionair is het echter niet. Mede dankzij de sociaaldemocraten heeft Limburg een economische versnellingsagenda opgesteld met de naam ‘Limburg op weg naar 2012’. Doel van deze versnellingsagenda is om te komen tot een nieuwe economische situatie waarin de kenniseconomie centraal staat. Grote clusters van bedrijven in één specifieke branche, die samen de Limburgse economie versterken. Voorbeelden van clusters zijn bijvoorbeeld moderne chemie, life science, gezondheid, landbouw en high tech systems. Clusters van grote internationale bedrijven samen met het MKB.

Ook de creatieve industrie verdient wat de PvdA betreft meer aandacht in de komende vier jaar, en moet daarom worden meegenomen in de versnellingsagenda. Limburg telt veel creatieve opleidingen die aansluiting bieden op bedrijfssectoren als architectuur, reclame, multimedia en vormgeving. De afgelopen jaren is deze branche enorm gegroeid en de PvdA ziet hier een kans om jongeren aan de provincie te binden door het stimuleren van dit soort bedrijven. Vooral de markt voor educatieve spellen en crossmedia dient een koppeling te maken met het onderwijs in die richting. Uiteraard is er de komende vier jaar ook aandacht voor Limburg Greenport en de Floriade. Greenport behoeft een sterke provinciale sturing wat betreft het plaatsen van grote kassen en de Floriade wordt gezien als een prima kans om Limburg op de kaart te zetten.

Odile Wolfs,

lijsttrekker PvdA Limburg

“Wij kiezen nadrukkelijk voor ménsen de komende vier jaar. Mensen in relatie tot werk, wonen en leven in Limburg. De PvdA wil bijvoorbeeld meer investeren in ouderenbeleid, nu de vergrijzing zich aandient. Er moet geld vrijkomen voor zorgwoningen, ontmoetingsplekken en andere faciliteiten in de buurt, wat de leefbaarheid bevordert. Aan de andere kant moeten we iets doen aan de ontgroening, omdat uit cijfers blijkt dat ‘onze’ jongeren massaal wegtrekken voor werk of studie. Dit probleem vraagt om adequaat arbeidsmarktbeleid waar betaalbare woningen en de kenniseconomie centraal staat.”

“Op economisch terrein gaan we natuurlijk werk maken van de versnellingsagenda, waarbij niet alleen het bedrijfsleven, maar zeker ook de werknemers aandacht vragen. Zestig procent van de Limburgse jeugd verlaat de school zonder startkwalificatie, wat erg zorgwekkend is. We moeten werken aan een betere aansluiting tussen jongeren en het MKB, die je toch moet zien als de banenmotor van de economie.

De komende jaren moeten we dus ook proberen om nieuwe bedrijven aan te trekken. Bedrijven waarvoor wij in Limburg een uitstekend klimaat hebben. Onze provincie is dankzij de ligging zeer internationaal georiënteerd, met belangrijke steden als Aken, Luik en Hasselt op relatief korte afstand.”

“Bij alle keuzes die wij maken, staan mensen nadrukkelijk centraal. Je moet het zien als een wisselwerking; als het met mensen goed gaat, gaat het ook goed met de leefbaarheid en de bedrijven. Ik denk dat het vooral díe visie is die ons onderscheidt van bijvoorbeeld de VVD.”

VVD

De onderlinge verschillen tussen de diverse partijen zijn niet heel groot. In de programma’s is het zoeken naar tegenstellingen tussen de PvdA en de VVD. In het programma van de liberalen komen wel de drie stokpaardjes naar voren: deregulering, overheid op afstand en meer controle. Volgens een onderzoek zou driekwart van de Limburgse bevolking deze doelstellingen onderschijven.

Ook de Limburgse identiteit staat hoog in het vaandel; de Limburger is trots op zijn provincie en de VVD is dat met hen. Ze staan dan ook afwijzend tegenover plannen om samen met Brabant en Zeeland één landsdeel te vormen.

Terug naar die deregulering. Volgens het verkiezingsprogramma ziet de VVD wel wat in een coördinerend portefeuillehouder in het volgende college. Hij of zij moet zich dan gaan bezighouden met het terugdringen van overbodige regels. Ook bepleit de partij de installatie van een brede werkgroep, bestaande uit Statenleden, lagere overheid en vertegenwoordigers van maatschappelijke organisaties en het bedrijfsleven. Zij moeten provinciale wetgeving bekijken, toetsen aan de realiteit en indien nodig, komen ze met voorstellen voor verbetering en vereenvoudiging. Zo wordt de bureaucratie teruggedrongen en gestapelde wetgeving geëlimineerd. Als derde maatregel wil de VVD in de toekomst kritischer kijken naar het eigen takenpakket. Zaken die beter bij andere bestuurslagen passen, dient de provincie af te stoten of te laten liggen.

Economie

Op (bedrijfs)economisch terrein maakt de VVD geen wezenlijk andere keuzes in vergelijking met de PvdA. Versteviging van het MKB, ruimte voor starters en het aantrekken van hoogwaardige bedrijven behoren tot de doelstellingen. Ook de versnellingsagenda krijgt steun van de liberalen.

Ingrid Muijs,

lijsttrekker VVD Limburg:

“Werk, wonen en leven. Dat zijn onze speerpunten tijdens de campagne. Limburg zal als eerste getroffen worden door de vergrijzing en het is zaak om iedereen aan het werk te krijgen of te houden. Niet alleen jongeren, ook ouderen moeten gestimuleerd worden om aan de slag te gaan. Heel Nederland krijgt met die vergrijzing te maken, maar hier zal het allemaal wat harder aankomen. In de eerste plaats hadden we begin vorige eeuw te maken met uitzonderlijk grote gezinnen. Ouders met acht of tien kinderen was zeker geen uitzondering. De gevolgen gaan we straks merken. Het komt ook omdat jongeren massaal uit Limburg wegtrekken voor studie. Slechts weinigen keren daarna terug, zodat het potentieel hoogopgeleiden uitdunt. En dat terwijl we de jongeren hard nodig hebben voor de kenniseconomie.”

“Dat brengt me meteen bij het tweede punt voor de komende jaren: huisvesting. In de afgelopen periode hebben we al zwaar ingezet op nieuwe woningen voor starters met het ‘1000 woningenplan’. Die doelstelling is gehaald en ook in de komende periode blijft dit een speerpunt. Willen we jongeren overhalen om zich weer in Limburg te vestigen, dan moeten er goede en betaalbare woningen zijn.” Overigens zet de VVD zich niet alleen in voor hoger opgeleiden. Ook voor schoolverlaters en ‘drop outs’ moet er wat gebeuren. “Een beter contact tussen opleidingsinstituten en het MKB bijvoorbeeld, zodat deze jongeren toch aan het werk komen”, aldus Muijs.

ODILE WOLFS (PVDA)

| maart 2007 | Lijsttrekkers | STATENVERKIEZING |

INGRID MUIJS (VVD)

| BUSINESS | noord limburg | |

Keuzes maken

Op 1 januari 2007 is de Pensioenwet in werking getreden. De Pensioenwet vervangt de Pensioen- en Spaarfondsenwet die door talloze wijzigingen in de afgelopen 50 jaren een lappendeken was geworden. De Pensioenwet streeft door strikte regelgeving naar transparantie op pensioengebied. De werknemer ontvangt bij indiensttreding een startbrief met de inhoud van de pensioenregeling. Verder wordt de werknemer periodiek geïnformeerd over de opgebouwde aanspraken door middel van een – voor alle uitvoerders te gebruiken - standaard formulier. Tot slot wordt de gewezen deelnemer nog eens in de vijf jaar geïnformeerd door de pensioenuitvoerder.

Venray

Hoogakker 15

Postbus 421

5800 AK Venray

Telefoon (0478) 55 47 00

Telefax (0478) 55 47 05

Boxmeer

Spoorstraat 73

Postbus 142

5830 AC Boxmeer

Telefoon (0485) 56 12 00

Telefax (0485) 56 12 05

Schijndel

Hoofdstraat 190

Postbus 340

5480 AH Schijndel

Telefoon (073) 547 29 00

Telefax (073) 547 29 05

Website: www.bolaccountants.nl Email: info@bolaccountants.nl

| column | De pensioenwet | met: drs Eddy van der Pol fb | maart 2007 |

Maar wat heeft de directeur-grootaandeelhouder (DGA) te maken met de Pensioenwet? De DGA heeft van oudsher toch altijd een bijzondere plaats in pensioenland ingenomen. De DGA kon namelijk kiezen. Pensioen opbouwen in eigen beheer en de liquiditeiten, die anders naar de verzekeraar gaan, gebruiken voor investeringen in de onderneming. Of toch verzekeren bij de verzekeraar, waardoor een eventueel faillissement van de onderneming, door het afkoopverbod in de PSW, geen invloed heeft op de pensioenrechten.

Onder de Pensioenwet heeft de DGA geen keuze meer. De Pensioenwet bepaalt namelijk dat een werknemer die tenminste 10 % (certificaten van) aandelen houdt in het bedrijf van zijn werkgever, de beschermende werking van de Pensioenwet mist. Met andere woorden: de Pensioenwet is er niet voor de DGA, omdat hij eerder wordt gezien als een eigenaar dan werknemer van de vennootschap.

Gevolg hiervan is dat de faillissementbescherming uit de Pensioenwet niet geldt voor de DGA, zodat zowel de pensioenrechten in eigen beheer als extern verzekerde rechten bij een faillissement uitwinbaar zijn.

Als het pensioen in de werk-B.V. wordt opgebouwd, zal bij een faillissement de DGA moeten aanschuiven bij alle andere schuldeisers, waardoor er waarschijnlijk geen geld meer is voor de uitbetaling van de pensioenrechten. Wordt het pensioen opgebouwd in een separate holding- of pensioen-B.V. dan is het pensioen redelijk veilig bij een faillissement, mits de jaarlijkse premies ook daadwerkelijk zijn betaald en de holding- of pensioen-B.V. niet borg staat voor de werk-B.V.

Bij een externe verzekeringspolis heeft de curator de mogelijkheid om de polis af te kopen, tenzij de DGA door de afkoop onredelijk wordt benadeeld. Overigens betekent afkoop van het pensioen dat de afkoopsom wordt belast en 20 % revisierente wordt geheven. Het restant is dan voor de curator.

Voor de DGA die op 1 januari 2007 al pensioen opbouwt wordt 2007 een belangrijk jaar. Hij heeft namelijk één jaar de tijd om te kiezen of zijn pensioenrechten onder de Pensioenwet vallen. Kiest de DGA voor de (faillissement)bescherming van de Pensioenwet dan is hij verplicht zijn pensioen onder te brengen bij een verzekeraar, hetgeen leidt tot de directe betaling van de koopsom. Pensioenopbouw in eigen beheer is dan uitgesloten en de waarde van een bij een verzekeraar afgesloten polis kan nooit meer naar de eigen vennootschap worden overgedragen.

Kiest de DGA voor de flexibele opbouw in eigen beheer, dan geldt de bescherming van de Pensioenwet niet. Het (gedeeltelijk) verzekeren van de pensioenverplichting bij een verzekeraar blijft echter wel mogelijk, maar hiervoor zal de bescherming van de Pensioenwet niet gelden. Het in eigen beheer opgebouwde kapitaal kan dan ook niet meer worden overgedragen naar een Pensioenwet-polis van een professionele verzekeraar.

Wat gaat het worden? Een Pensioenwet-polis bij een verzekeraar of opbouw in eigen beheer? De keuze is aan u.

Eddy van der Pol

delen:
Algemene voorwaarden